Hongarije, Reisverhalen

Boedapest: Parel aan de Donau

Ralph van Wolffelaar reisde naar de hoofdstad van Hongarije en kwam tot zijn ontdekking dat die veel te bieden heeft voor de bezoeker. Meer in ieder geval dan hij in eerste instantie dacht toen hij aankwam op het vliegveld. Hij komt tot de conclusie dat er in Boedapest zoveel bouwwerken zijn die de moeite van het bezoeken waard zijn, dat je er wel eens een over het hoofd ziet. ‘Het museum, waarvan de lichten, hoewel al enkele uren geopend, nog aangestoken moeten worden, herbergt een grote hoeveelheid relikwieën uit lang vervlogen tijden.’

Auteur - Ralph van Wolffelaar

Grauw, saai en somber. Anders kan de aankomsthal van vliegveld Ferihegy II, de nationale luchthaven van Hongarije, niet omschreven worden. Achter de gebruikelijke paspoortcontrole, waarvan de beambten volgens goed Oostblok-gebruik niet al te vrolijk kijken, heb je een draaiende bagageband en verder eigenlijk alleen de uitgang. Temidden van dit weinig hoopgevende tafereel bevindt zich diep weggestopt in de hoek een loket waar we een taxi naar het centrum van de stad bestellen. Onderweg naar ons hotel regent het alleen maar. Als dit een voorbode is van wat ons de komende week te wachten staat, kunnen we onze lol wel op.

Kossuth plein

Schijn bedriegt echter. De volgende dag staat de zon hoog aan de hemel en laat Boedapest zich van zijn beste kant zien wanneer het eerste het beste gebouw wat we zien het Hongaarse parlement is. De meeste mensen die ooit in Boedapest waren zijn het hier wel over eens: dit is één van de mooiste gebouwen van Europa. Het neogotische meesterwerk, naar een ontwerp van Imre Steindl, wiens plan werd gekozen tijdens een ontwerpwedstrijd, werd tussen 1884 en 1902 gebouwd en is thans een van de grote trekpleisters van de stad. Het enorme parlement (bijna 270 meter lang en 700 kamers tellend) is makkelijk te herkennen aan de karakteristieke koepel die hoog boven het gebouw uitsteekt. Hoewel enkele stellages geïnstalleerd zijn om een van de twee torens te restaureren, maakt het gebouw nog steeds een overweldigende indruk. Het gebouw ligt aan het Kossuthplein, vernoemd naar de legendarische Lajos Kossuth, die in 1848 de opstand tegen de Oostenrijkers leidde.

Boeda en Pest

Het parlement maakt deel uit van de een rijke historie die de Hongaarse hoofdstad achter zich heeft. Van oudsher bestaat Boedapest uit de twee stadsdelen Boeda en Pest, die eind vorige eeuw met de stad Oboeda werden samengevoegd tot het huidige Boedapest. Het heuvelachtige Boeda ligt op de westoever van de Donau en is gebouwd op negen heuvels. Pest ligt aan de oostkant en is voornamelijk vlak, hier zijn ook de voornaamste gebouwen en toeristische attracties te vinden. Beide stadsdelen zijn verbonden door middel van een groot aantal bruggen die stuk voor stuk bezienswaardigheden op zich zijn.

Hongarije Boedapest De Maria-Magdalena Toren.
[Foto: Ralph van Wolffelaar]

Kuuroorden

Een van hen is de Margharetabrug, die niet alleen de rivier oversteekt maar tevens Marghareta-eiland toegankelijk maakt. Het enorme eiland ligt midden in de Donau en vormt een bijzonder rustpunt in de metropool die Boedapest (2 miljoen inwoners) vandaag de dag is. Er bevinden zich enkele kuuroorden en badhuizen op het eiland, dat opvalt door de rustieke omgeving. Op de vele grasveldjes en kleine bossen bevinden zich slechts enkele tientallen mensen. Het is hier dan ook prima relaxen, terwijl je je toch in het hart van de stad bevindt. Er rijdt een bus over het eiland, dat aan de noordzijde met de stad verbonden is via een andere brug, afgelegen kun je deze plek dan ook niet noemen.

Hongarije Boedapest Het Vissersbastion met de
karakteristieke witte torentjes.

Een ander opmerkelijk rustpunt is wanneer we er eens niet per metro op uit trekken, maar vanuit het hotel te voet richting een groot groen vlak op de kaart lopen. Niet verwonderlijk dat het hier een bos betreft, wel verwonderlijk is de hele situering waarin een en ander zich presenteert. Er rijden bussen en auto’s door zonder dat het stoort. Na een tijdje komen we bij de Vajnahunyad-burcht, een prachtig mooi gebouw dat vanwege de ligging centraal in het bos en de omringende gracht extra cachet krijgt. Er is een trouwerij aan de gang en dus besluiten we het Landbouw Museum te bezoeken dat in de burcht is ondergebracht. Het is een van de vele die we bezoeken.

Hongarije Boedapest Donau Uitzicht over de Donau, met aan de rechterkant het parlement dat gerestaureerd wordt en in de verte het beboste Margaretha-eiland midden. [Foto: Ralph van Wolffelaar]

Er rijden bussen en auto’s door zonder dat het stoort. Na een tijdje komen we bij de Vajnahunyad-burcht, een prachtig mooi gebouw dat vanwege de ligging centraal in het bos en de omringende gracht extra cachet krijgt. Er is een trouwerij aan de gang en dus besluiten we het Landbouw Museum te bezoeken dat in de burcht is ondergebracht. Het is een van de vele die we bezoeken. Andere die we aandoen zijn onder meer het Nationaal Museum, het Geologisch Museum (in alweer een fantastisch mooi gebouw) en het Sportmuseum. Dit laatste ligt vlakbij het gigantische Nepstadion, waar in de hoogtijdagen van het Hongaarse voetbal verschillende grote teams hun Waterloo vonden. Het museum, waarvan de lichten, hoewel al enkele uren geopend, nog aangestoken moeten worden, herbergt een grote hoeveelheid relikwieën uit lang vervlogen tijden. Tijden van het communisme, waarin de ijzeren discipline zorgde voor mondiale topprestaties. Met het communisme is ook de druk van het presteren verdwenen en heeft Hongarije nog maar een paar topsporters.

Hongarije Boedapest Szechenyi-badhuizen De schitterende Szechenyi-badhuizen. [Foto: Ralph van Wolffelaar]

Széchenyibaden

Een stukje verderop in het park, aan de andere kant van de gracht, lopen we tegen een opmerkelijk gebouw op. Twee blauwgroene torens steken uit boven de Széchenyibaden, het grootste kuu
rbadcomplex van Europa. De in 1896 ontdekt warmwaterbronnen schijnen genezende krachten te bezitten. Zelfs na een week sta je er nog versteld van het grote aantal architectonische hoogstandjes. Zo wordt onze aandacht enkele malen getrokken door de prachtige buitenkant van ‘slechts’ een universiteit.

Aan de andere kant van de Donau is eveneens veel te zien en daarmee beginnen we de volgende dag dan ook. Aan te vangen bij de imposante Gellert-Heuvel, waarvan de historie er minder vredig uitziet dan je zou aannemen. Zo begon prins Vata, broer van koning Istvan, er een opstand die de dood van bisschop Gellert tot gevolg had. Later meende men dat heksen er hun sabbat hielden. Pas tegen het einde van de negentiende eeuw veranderde het imago van de heuvel toen hij in trek raakte als picknickplaats. Thans zegent bisschop Gellert in de vorm van een groot monument aan de voorkant van de heuvel alle inwoners van de stad met een opgeheven kruis. Helemaal boven op de berg staat bij het citadel het bevrijdingsmonument, waarvandaan je een prachtig uitzicht over de stad hebt. Interessant is zeker ook de Grotkerk, die halverwege de klim naar boven te bezichtigen is.

Oude stad

Een van de grootste attracties is het Vissersbastion, dat aan de andere kant van heuvel in de Oude Stad ligt. Met de karakteristieke architectuur is het bastion een opmerkelijke verschijning. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, deed het neoromaanse bastion nooit dienst als verdedigingsmiddel. Het door Frigyes Schulek ontworpen gebouw is een aaneenschakeling van bogen en uitkijktorens. Op een hoek zit een man ‘balletje balletje’ te spelen. Terwijl wij toekijken kleedt hij een Amerikaan uit waar we bijstaan; twee keer zit hij ernaast en dat kost hem in totaal 200 dollar. Als de Hongaar hoort waar we vandaan komen kijkt hij even bedenkelijk en zegt dan: “Hoendert goelden!” Vriendelijk bedanken we voor het aanbod.

Neoclassicistische kerk

Als we op het punt staan de metro naar ons hotel te nemen en van daaruit de taxi naar het vliegveld te nemen, komen we nog voorbij een reusachtig gebouw dat ons niet eerder was opgevallen, de Sint Stefansbasiliek. Gezien de omvang mag dit belachelijk klinken, maar Boedapest heeft zoveel andere bouwwerken die de moeite van het bezoeken waard zijn, dat je wel eens wat over het hoofd ziet. De basiliek is opgedragen aan de eerste christelijke koning van Hongarije, Istvan, die in 1038 overleed. De door Jozef Hild ontworpen neoclassicistische kerk staat aan de binnenkant in de steigers, maar doet niettemin overweldigend aan. Op de valreep pikken we dit gebouw nog even mee, waarna het vliegtuig ons vanaf het desolate Ferihegy II weer naar Nederland brengt. De laatste keer dat het regende was bij onze aankomst.



Plaats reactie of reistip





* verplicht invoerveld

Facebook RSS Feed