Italië, Reisverhalen
Carnaval in Venetië
Niet iedereen weet het, maar Venetië is onlosmakelijk met carnaval. Al honderden jaren wordt hier traditioneel het carnaval gevierd, een leuk moment dus om deze indrukwekkende stad eens wat nader te gaan bekijken. En daarnaast is het natuurlijk de geboortestad van het grote voorbeeld van alle reizigers: Marco Polo. Jan Willem van Dijk was tijdens het carnaval in Venetië en geeft een impressie over dit festijn. ‘Vrijwel de hele dag is Venetië dan ook gehuld in mist. De hoge luchtvochtigheidsgraad maakt Venetië tot een vreemde eend in de mediterrane bijt.’
Tijdens de carnavalsperiode liep vroeger geheel Venetië gemaskerd rond. De traditionele viering van het carnaval werd overigens gestopt in 1797, toen de laatste Doge zijn ambt neerlegde en Venetië onder Oostenrijkse heerschappij kwam. Pas in de jaren zeventig van de 20e eeuw werd het carnaval weer in ere hersteld. De lokale VVV was op zoek naar een methode om de toeristen die tot dan toe voornamelijk in de zomer op bezoek kwamen, ook naar de stad te trekken in de nevelige en koude maanden januari en februari.
Overigens wordt de apartheid van de historische carnavalstenues juist extra benadrukt nu ze te midden van eigentijdse kleding te zien zijn. Tijdens de openingsdagen van het carnaval lopen er nu weer tal van gemaskerden op en rond het San Marco plein. Het carnaval wordt elk jaar traditioneel geopend met een optocht over het San Marco plein, die geleid wordt door de gevleugelde leeuw die het symbool is van Venetië.
San Marco Plein
Een dag later vindt “il volo dell’angelo” plaats: vanaf de 92 meter hoge Campanile op het San Marco plein ‘vliegt’ een engel naar beneden. Aan het eind van de tweede dag vindt er een optocht plaats van historische boten over het Canal Grande. Tijdens de eerste twee dagen zijn er verder een aantal traditionele bals (waar historische kleding gedragen dient te worden).
De 'hoofdstraat' van Venetie - het Canal Grande.
Nevelig en koud
De opmerking dat Venetië nevelig en koud is in de winter, is overigens terecht. Venetië is gebouwd op een aantal eilandjes en zandbanken voor de kust en ligt dus in feite midden in het water. Ook al is het zeewater natuurlijk niet warm te noemen, het is wel warmer dan de januarilucht.
Vrijwel de hele dag is Venetië dan ook gehuld in mist. De hoge luchtvochtigheidsgraad maakt Venetië tot een vreemde eend in de mediterrane bijt. Voor de reumatische reiziger is het dan ook aan te raden om het bezoek uit te stellen tot in de zomer (helaas, ook in de zomer zijn er nadelen – stinkende kanalen bijvoorbeeld).
De prinses van het Carnaval
wordt gedragen in haar gondel.
Geschiedenis
‘Venetië ontstond toen een grote groep mensen zich op de eilanden in het noorden van de Adriatische Zee vestigde, op de vlucht voor de oorlogen die in Italië na de val van het Romeinse Rijk waren ontstaan door de invasies van de Barbaren. Deze vluchtelingen hadden geen vorst die hen bestuurde. Zij schiepen de wetten die zij nodig achtten voor hun voortbestaan.
Dit lukte uitstekend, dankzij de lange periode van rust die hun door de gunstige omstandigheden werd gegund: de zee blokkeerde iedere toegang en de volkeren die Italië verwoestten, hadden geen schepen om hen aan te vallen,’ aldus Machiavelli – zelf overigens geen Venetiaan. Vanaf het jaar 697 kende Venetië een voor het leven benoemde machthebber – de doge (wat ‘leider’ betekent), en deze republikeinse staatsvorm duurde tot in 1797 de Oostenrijkse keizer de macht overnam.
Gedurende deze 1300 (!) jaar heeft Venetië veel illustere personen en ideeën voortgebracht. Misschien wel de belangrijkste – in ieder geval voor reislustigen – was Marco Polo. In de bibliotheek aan het San Marco plein hangen twee hele mooie kaarten (gemaakt door Marco’s broers Nicolo en Matteo) van zijn reizen naar het Beijing van Kublai Khan.
Maar Venetië is bijvoorbeeld ook de oorsprong van woorden als arsenaal (betekende vroeger letterlijk werkplaats, en was de naam van de plek waar Venetië haar machtige koopvaardij- en oorlogsvloot in elkaar knutselde) en getto (betekende letterlijk metaalgieterij, en was de naam van de wijk waar voornamelijk joden woonden).
Twee gemaskerden. (Er zijn
vier klassieke 'commedia dell'arte' maskers -
Arlecchino, Pantalone, Pulcinella en Colombina).
Mestre
In Venetië wonen ongeveer 250 000 mensen, waarvan het merendeel in het moderne Mestre (dat op het vaste land ligt). In het oude centrum wonen echter nog steeds heel veel mensen, het is er altijd levendig en er zijn tal van niet-toeristische plekken en winkels. En dat is maar goed ook, want anders zou je je wellicht in een openluchtmuseum wanen: afgezien van dat er talloze indrukwekkende gebouwen te vinden zijn, wordt dat nog geaccentueerd door de vrijwel volledige afwezigheid van moderne gebouwen.
Uitzicht op het Isola di San Giorgio Maggiore vanuit het Dogenpaleis.
Er rijden ook geen auto’s, al het verkeer gaat via de talloze grote en kleine kanalen. Natuurlijk kun je altijd de gondel nemen, maar dan blijkt er toch wel wat vooruitgang te zijn geboekt: gemotoriseerde waterbussen en -taxi’s varen af en aan, 24 uur per dag. Met de gewone waterbus ben je in een half uur van de ene kant van het centrum naar de andere kant. Tien minuten extra en je bent op het strandeiland Lido (waar in augustus het wereldberoemde filmfestival wordt gehouden). Nog weer 40 minuten extra en je bent óf op het vliegveld, óf op het stille Burano (waar een kunstenaarskolonie is gevestigd).
De fameuze Brug der Zuchten, met gondels op de voorgrond.