Chili, Reisverhalen
Het meest geïsoleerde eiland op aarde
Boris Kester maakt een reis naar Paaseiland, volgens velen het meest geïsoleerde eiland op aarde. Het ligt midden in de Stille Oceaan, maar hoort bij Chili. ‘Het blijkt dat we met onze neus in de boter zijn gevallen. Op Anakena, een van de weinige zandstranden van het eiland, waar ook een van de mooiste gereconstrueerde platformen staat tussen de palmbomen, zal met volle maan een cultureel feest beginnen.’
Plotseling duikt er een stukje land op uit de immense oceaan, na urenlang slechts blauw in allerlei schakeringen te hebben gezien. Dit is Paaseiland of Rapa Nui zoals Paaseilanders hun eiland noemen, volgens velen het meest geïsoleerde eiland op aarde.
Meteen na de douane die erg weinig voorstelt op een eiland waar (in dit seizoen) twee vluchten per week langskomen belanden we in een Polynesisch volksfeest. Het blijkt dat er deze week een samenkomst is van verschillende volkeren die in de Stille Zuidzee wonen.
Nadat we ons hebben geïnstalleerd in het huis van Nelly die in het hele dorp bekend staat als La Nelly, dompelen we ons meteen onder in de mysteries van het eiland dat door de Nederlander Jacob Roggeveen is ‘ontdekt’ op Paaszondag 1722.
Om een van de belangrijkste raadselen te noemen: hoe was het mogelijk dat rond de 4e eeuw na Chr. mensen in staat waren op vlotten duizenden kilometers te peddelen en te drijven om zonder al te geavanceerde navigatiemiddelen dit eilandje van 117 vierkante kilometer te vinden en zich er vervolgens blijvend te vestigen? Hoe was het hun nazaten mogelijk steeds grotere beelden te hakken uit vulkaansteen, ze te voorzien van versieringen, om ze vervolgens te transporteren naar hun eindstation, soms 30 kilometer van de vulkaan verwijderd, zonder dat de beelden noemenswaardig werden beschadigd? Hoe werden de beelden, eenmaal op hun bestemming aangekomen, rechtop gezet, met ook nog eens een ‘hoed’ op met rode kleur, die weer uit een andere vulkaan was gebeeldhouwd?
Stammenoorlog
Om een idee te geven van de grootte van de beelden: de grootste die ooit heeft gestaan was meer dan tien meter hoog (zonder hoed), de grootste, die nooit het krater-atelier heeft verlaten, zou ongeveer de helft hebben gewogen van een volgetankte 747! En ze werden tot 15 tegelijk op een groot familieplatform gezet. Helaas heeft (waarschijnlijk) een stammenoorlog – ook daar – erin geresulteerd dat alle beelden omver zijn gegooid. De laatste decennia zijn er weer enkele platformen hersteld, wat zelfs met hulp van hijskranen en computers nog een klus was van jaren.
Maar het is te makkelijk te goochelen met cijfertjes en feiten. Het is des te indrukwekkender rond te lopen op het eiland en de raadselen op je in te laten werken. Het feit dat de weinige Paaseilanders vrijwel allemaal in het enige dorp wonen betekent dat je, buiten het dorp, volop gelegenheid krijgt alles ongestoord in je op te nemen.
Zittend aan de rand van een krater, met altijd uitzicht op de alomtegenwoordige oceaan, op de golven die het niet opgeven op de rotsachtige kust in te beuken en in prachtige, steeds andere sluiers van zout en water uit elkaar te waaien, met licht gekromde horizonnen in de verre vertes, met een continu bewustzijn van de lange geschiedenis van dit eiland, gaat het je op een gegeven moment duizelen.
De vragen die hierboven werden gesteld, laten je niet los en er komen nog meer vragen bij je op.
Hoe zou het hier uit hebben gezien toen alle beelden nog gewoon op hun platform stonden? Hoe was het leven hier toen het eiland nog niet was ontdekt door Europeanen? Wist men voor die tijd van het bestaan van anderen op aarde? Hoe zal het eiland er over 25 jaar uit zien?
Er is veel meer op het eiland dan alleen de beelden. Zo is er de vogelman-cultus, wat ook weer een van de mysteries van het eiland is. Op de rand van een vulkaankrater aan de zuidkant van het eiland, op wat zonder twijfel de meest dramatische en intrigerende plaats van het eiland is, zijn lage huisjes van steen gebouwd waar je alleen in komt door erin te kruipen. Dit is het nu verlaten ceremoniële dorpje Orongo waar de vogelman heeft gewoond.
Beschermheer
Elk jaar was er een wedstrijd waarbij de sterkste jongelingen naar beneden moesten rennen, op een vlotje moesten oversteken naar een van de drie eilandjes – en passant de haaien trotserend -, die een paar honderd meter van het eiland de oceaan trotseren, een ei van het eiland moesten halen en het vervolgens heel mee terugnemen, de steile wand opklauterend met de oceaan steeds verder en pal eronder. De beschermheer van de winnaar werd de vogelman, met alle bijbehorende privileges; welke die precies waren is niet helemaal duidelijk.
Ook mensen zonder hoogtevrees lopen hier niet nonchalant rond. Aan de buitenkant van de krater zie je de woeste branding van de zee een paar honderd meter loodrecht onder je. Aan de andere kant is, ook enkele honderden meters lager, een immens drassig kratermeer, vrijwel geheel overgroeid met een soort riet waar vroeger bootjes van werden gemaakt.
Uren kan je er doorbrengen in perfecte stilte, af en toe verstoord door de schreeuw van een valk die een muisje heeft ontdekt en met een constante en zeer aangename ruis van de zee op de achtergrond. Misschien wel het mooiste is dat er uit de krater, aan de zeekant, een grote hap lijkt te zijn genomen door de tand des tijds. Daardoor heb je ook hier altijd een doorkijkje naar de onmetelijke oceaan. Een meesterlijke plek.
Het blijkt dat we met onze neus in de boter zijn gevallen. Op Anakena, een van de weinige zandstranden van het eiland, waar ook een van de mooiste gereconstrueerde platformen staat tussen de palmbomen, zal met volle maan een cultureel feest beginnen. Met een traditionele boot wordt de aankomst van de eerste koning nagespeeld. Nu begrijpen we beter waarom er nog meer Polynesiërs zijn: men wil de eigenheid van de volkeren van de Stille Oceaan benadrukken.
Bijna naakte mannen en vrouwen en zelfs een babietje worden aangevoerd met de boot. In de locale taal worden toespraken gehouden.
Dit is een magnifiek moment: de maan hangt in al haar volheid in een hemel die zo helder is dat de vele sterren die je hier normaal kan zien, bijna onzichtbaar zijn.
De beelden, die al eeuwen bezig zijn de elementen het hoofd te bieden met hun fiere, trotse en strenge gezichten, werpen lange schaduwen over het gezelschap dat hier bijeen is. Van hier zal men de hele nacht doorlopen naar de andere kant van het eiland, waar de volgende ochtend het laatst gerestaureerde platform zal worden ‘ingewijd’.
Traditionele maaltijd
Ook dat wordt weer een memorabele gebeurtenis: terwijl de opkomende zon langzaam maar zeker de strijd tegen de weerkaatsing van haar eigen licht van de maan wint, wordt het platform met 15 beelden officieel “geopend”. Vervolgens wordt een traditionele maaltijd georganiseerd: in een grote kuil in de grond is eerst vuur gemaakt, vervolgens zijn daar stenen over gelegd, en daar zijn vlees, vis, groenten en aardappelen, bedekt door bananenbladeren in klaargemaakt.
Het is niet gemakkelijk je los te scheuren van dit betoverende eiland. Wetend dat aan de andere kant van een lange vlucht huiswaarts weer het ‘normale’ leven wacht met alle bijkomendheden die hier zo onbelangrijk lijken, is er een stemmetje in je dat zegt dat je moet blijven. Als dan toch het vliegtuig zich losmaakt van het enige asfalt dat het eiland rijk is, is de laatste glimp die je op kan vangen het spel van aanrollende golven en roodzwarte, standvastige rotsen waar de zee een continue salto mortale op uitvoert.