De gruwelen van Eldorado

door Reis om de Wereld
Gepubliceerd: Laatst ververst op 23 views

Cambodja is een van de minst toeristische landen van Zuid-Oost Azie. Dit verandert echter langzaam, de bezienswaardigheden in dit vriendelijke land zijn uniek in de wereld. Vooralsnog is Cambodja een van de minst toeristische landen van Zuid-Oost Azie. Echter, de bezienswaardigheden in dit vriendelijke land zijn uniek in de wereld. De stroom bezoekers wordt dan ook langzaam groter. De meesten van hen komen naar het bekende tempelcomplex Angkor Wat, maar Cambodja heeft meer te bieden.

Auteur – Hans Baars

Cambodja, een land van uitersten. De intense schoonheid van een van ’s werelds mooiste tempelcomplexen tegenover de restanten van een gruwelijk regime uit de jaren zeventig. Trek een paar dagen uit voor de fascinerende wereld van de hindoeïstisch aandoende tempels van Angkor, gecombineerd met de enorme gastvrijheid en bijna slaafse houding van de Cambodjanen en je waant je in Eldorado.

Je wordt echter wreed wakker geschud als je het lef hebt de verschrikkingen van het Pol Pot regime te aanschouwen. Aankomst voor een week Cambodja op het vliegveld van Phnom Penh na een half uur durende vlucht vanuit Saigon is een prettig begin. Het is warmer en zonniger dan het vrijwel continu bewolkte Saigon. De rust en stilte op het vliegveld is uitzonderlijk. We worden terwijl we met een volle bagagekar buiten staan door niemand lastig gevallen! Er is zelfs geen taxichauffeur die ons een ritje naar de stad wil aansmeren.

Royal Phnom Penh

We regelen een vliegticket naar Siem Reap. Eerst informeren bij de drie maatschappijen die dergelijke vluchten aanbieden. Royal Phnom Penh Airways maakt de beste indruk en is ook nog eens het voordeligst.

Door het voorvoegsel ‘Royal’ krijgt het nog enig cachet. Het busje van het hotel voor de transfer richting centrum is er niet en de dame van de vliegmaatschappij biedt aan om te helpen. We hebben ondertussen de vliegtickets gekocht en na een kwartiertje verschijnt een chauffeur voor de rit naar het Goldiana hotel. De ontspannenheid en vriendelijkheid is een voorbode voor de contacten die we zullen hebben in dit land.

Vrijheidsmonument

Het is net middag als we al ingecheckt hebben en de stad eens gaan bekijken. We lopen richting het Vrijheidsmonument en komen langs een pagode. Op het binnenplein zien we tientallen monniken. Tenminste, dat denken we. Als we even gaan zitten bij een jongen die graag zijn Engels wil bijspijkeren, blijkt wat anders. De scholen zijn vol en daarom zit hij hier.

Gevolg is wel dat hij in een typisch oranje kleed rondloopt, waarbij hoofdhaar en wenkbrauwen verdwenen zijn. Maar dat vindt hij geen probleem. Als hij later maar leraar Engels kan worden en het helpt door veel met toeristen te praten. Al komen er niet zo veel, zegt hij enigszins teleurgesteld.

Rode Khmer

Cambodja heeft nog steeds een slechte naam door de grote hoeveelheid mijnen en andere explosieven die in de bodem zitten verstopt. Er kunnen ook op diverse plaatsen in het land ansichtkaarten en T-shirts gekocht worden met veelzeggende opdrukken als “I survived Cambodia”. Het is natuurlijk ook lang onduidelijk geweest wat de invloed van de Rode Khmer was en is. De hoogtijdagen van het regime van Pol Pot waren weliswaar tussen 1975 en 1979, maar de Rode Khmer bestaat nog steeds. Momenteel lijkt het land zich echter te herstellen, omdat er allerlei initiatieven zijn om het reizen voor toeristen eenvoudiger te maken.

De Bayon, misschien wel de meest mysterieuze tempel van Angkor met de gebeeldhouwde mensgrote gezichten.

De Bayon, misschien wel de meest mysterieuze tempel van Angkor met de gebeeldhouwde mensgrote gezichten.

Bloemen, fruit en wierook

Het koninklijk paleis is absoluut de moeite waard. Er zijn enkele gedeelten waar men niet binnen mag, maar het merendeel is open voor het publiek. Binnen mag men op veel plekken niet fotograferen; er is wellicht te veel goud wat er blinkt… Diverse mooie tronen, gouden beelden, Boeddha’s en veel sieraden. Het is ruim opgezet met op diverse plaatsen kleine tempeltjes en bedehuisjes, mooie tuinen en prachtige pagodes.

Wat Phnom

Ook bij de Wat Phnom (wat = tempel, phnom = heuvel) zijn er diverse plaatsen te vinden waar gebeden wordt. Deze forse tempel boven op een heuvel is fraai en de sfeer is heel prettig. Tussen de diverse bidplaatsen verkopen handelaren hun bloemen, fruit en vooral veel wierook. Men buigt richting Boeddha een aantal keren naar voren met soms wel tien rokende wierookstokjes, veel mensen zitten ook bij de beelden te murmelen. Bij het hotel terug wordt ons door diverse taxichauffeurs op buitengewoon vriendelijke en relaxte wijze gevraagd of we de volgende dag geen vervoer kunnen gebruiken. Het is een wonderlijke wijze van benadering, geheel anders dan in veel andere landen. We spreken een prijs af met ‘Mister’ Heng om de volgende dag de Killing Fields en Tuol Sleng te bezoeken voor twintig dollar.

Twee monniken bij de beroemdste tempel van Angkor; Angkor Wat.

Twee monniken bij de beroemdste tempel van Angkor; Angkor Wat.

Genocide Centre

In het hotel wordt verteld dat er een supermarkt in de buurt is. Met een gevoel van ongeloof lopen we richting hoofdstraat en er is werkelijk een supermarkt. Er staat veel bewaking buiten en in de winkel. Bedelaars, zwervers en verkopers van de Phnom Penh Post cirkelen rond. In de winkel blijkt het vreemde gebruik van de valuta in dit land. Men heeft een eigen munteenheid, de Riel, maar gebruikt voornamelijk de Amerikaanse dollar.

Vierduizend Riel is ongeveer gelijk aan één dollar. Ook in de supermarkt blijkt dit. Je betaalt met dollars en alles wat je aan wisselgeld terugkrijgt kleiner dan een dollar, is in de lokale valuta. Het maakt het land er overigens niet goedkoper op. Het enige voordeel is dat je dus nooit hoeft te wisselen, mits je natuurlijk cash dollars op zak hebt.

Killing Fields

Om half negen staat Heng al te wachten en we gaan op weg naar Choeng Ek, één van de 343 Killing Fields die dit land rijk is. Het ligt complex ongeveer vijftien kilometer buiten Phnom Penh en de laatste 10 kilometer gaan over bar slechte wegen. Omdat het net na de regentijd is, zijn de wegen nog slechter dan gewoonlijk. We volgen de bordjes ; ‘Genocide Centre’ en de rillingen lopen bij het lezen van deze woorden over mijn rug. Entree is twee dollar en de locatie is uitermate rustiek.

Er is een enorm grasveld en er staat een soort stoepa-achtig bouwwerk in het midden van het terrein. Achtduizend schedels zijn opgestapeld, gesorteerd op geslacht en leeftijd. Het is het trieste resultaat van de moordpartijen van het regime van Pol Pot, dat ongeveer twee miljoen slachtoffers maakte.

Het terrein beslaat verder een aantal putten van ongeveer anderhalve meter diep, waarin de slachtoffers zijn gevonden. Bij iedere put staat een bordje “Mass grave” en op diverse plekken zijn kledingstukken, botten en tanden te vinden.

Banteay Srei, kleine prachtige tempel in roze zandsteen op twintig kilometer van het Angkor tempelcomplex.

Banteay Srei, kleine prachtige tempel in roze zandsteen op twintig kilometer van het Angkor tempelcomplex.

Geheime gevangenis

Op de weg terug zegt Heng op de vraag wat hij zich van deze periode kan herinneren dat hij er niet over kan praten. Hij is 37 jaar en heeft alle verschrikkingen meegemaakt toen hij in de leeftijd van tien tot veertien jaar was. Even later begint hij toch te vertellen. Hij is destijds van zijn moeder en twee broers gescheiden, hij heeft al die tijd geen contact met ze kunnen hebben en heeft keihard moeten werken voor een minimale beloning.

Die bestond uit een zeer kleine hoeveelheid rijst. Hij heeft mensen zien lijden, mensen anderen zien verklikken, mensen zien sterven. Cambodjanen die in Phnom Penh woonden, ambtenaren, mensen met een baan werden zonder pardon afgevoerd. Alleen plattelandbewoners bleven in leven. Het is hetzelfde verhaal als in het onlangs in het Nederlands vertaalde boek van Loung Ung (‘Eerst doodden ze mijn vader’), verplichte kost voordat je naar Cambodja afreist.

Het is vandaag nog niet voorbij met alle verschrikkingen. In een afgelegen straatje in Phnom Penh staat Tuol Sleng, beter bekend als S-21, Pol Pots geheime gevangenis. Dit is een van de gevangenissen waar een groot deel van de slachtoffers van het regime werd verhoord en gemarteld. Net zoals bij het nazi-regime werden van alle mensen die hier kwamen foto’s genomen en dossiers van aangelegd. E

en bezoek aan Tuol Sleng is minstens zo indrukwekkend als aan bijvoorbeeld Auschwitz. In gebouw A is een aantal verhoorkamers gevonden, waar de slachtoffers nog waren toen de Vietnamezen Phnom Penh overnamen. De bedden, martelwerktuigen en bloedvlekken zijn er nog. Ook hangen er foto’s van de situatie waarin deze gevangenen zijn gevonden. In gebouw C zijn cellen gebouwd van één bij anderhalve meter. In alle gebouwen hangen foto’s, schilderijen van overlevenden. De angst die er ooit geheerst moet hebben, is gevoelsmatig nog duidelijk aanwezig.

Monument in Choeng Ek, the Killing Fields. Hier zijn ongeveer achtduizend schedels verzameld van de hier omgekomen Cambodjanen.

Monument in Choeng Ek, the Killing Fields. Hier zijn ongeveer achtduizend schedels verzameld van de hier omgekomen Cambodjanen.

Pol pot

Het laatste deel van de dag brengen we door in het hotel. Van deze verschrikkingen moet je echt even bijkomen. Als je daarentegen de onderdanige, nederige houding van de Cambodjanen in ogenschouw neemt, is het feitelijk niet zo verwonderlijk dat er zulke verschrikkelijke dingen hebben kunnen gebeuren en Pol Pot gewoon oud heeft kunnen worden in dit land. Alsof men alles maar over zich heen laat komen.

Aangekomen op het internationale vliegveld van Phnom Penh blijkt dat we ook voor binnenlandse vluchten luchthavenbelasting moeten betalen. Iets was we nog niet eerder hebben meegemaakt. Als alle andere vliegtuigen zijn vertrokken, zijn we nog de enige passagiers op het vliegveld. Zou dit wel goed zijn? Uiteindelijk blijkt het toch te kloppen, we zijn de enige passagiers op de vlucht van vandaag naar Siem Reap. Er gaan nog enkele mensen van de maatschappij mee, maar wij zijn de enige betalende reizigers.

We lopen naar het toestel, een Yunshiju Y7-100C en alhoewel we niet bang zijn aangelegd, doet dit toestel enigszins verouderd aan. Het Chinese toestel met twee propellers gaat echter goed en vlot de lucht in. Het vliegtuig doet alleen vrij lang over de vlucht en als men onderweg de airconditioner aanzet is het vliegtuig ogenblikkelijk gehuld in een dichte mist, aan de binnenkant dan.

Koninklijk Paleis, Phnom Penh.

Koninklijk Paleis, Phnom Penh.

“Senk joe”

Vooraf hebben we bedacht ongeveer twintig dollar per dag te willen besteden aan een taxi, omdat uit folders en boeken is gebleken dat het bezoeken van het enorme complex van Angkor te voet niet te doen is. We worden naar hotel Angkor Reach gebracht, het hotel dat het dichtst bij het vliegveld ligt. Het hotel is uitgestorven en men is blij met iedere klant.

Het merendeel van het personeel heeft niets te doen, de obers rapen onzichtbare stofjes van de grond, de vier masseuses kletsen maar wat; het lijkt erop alsof we de enige gasten zijn. We besluiten een diner in het hotel te nuttigen en gelukkig blijken er nog meer mensen te zijn. De bediening is uitstekend, het maal Cambodjaans, de prijs te hoog.

De obers doen hun uiterste best het ons naar de zin te maken en we krijgen vermoedelijk door de matige beheersing van de Engelse taal telkens “senk joes” te horen. Het eten – we kunnen feitelijk alleen het lokale dagmenu kiezen – is verrassend goed. Niet alleen is het lekker, het is ook nog gevarieerd. Alleen niet zo pittig zoals het soms bij een Thais restaurant kan zijn.

Pagodes en tempels in Phnom Penh.

Pagodes en tempels in Phnom Penh.

Terrace of the Elephants

Het is zover. De tempels waar ik al zo veel over heb gelezen, ga ik eindelijk bezoeken. Het meest fraaie verhaal is wellicht hetgeen Graham Hancock ervan maakt. Hij heeft al aardig wat boeken geschreven en ik heb ze allemaal, maar hij zegt dat de tempels van Angkor een afspiegeling zijn op de grond wat zich in het heelal aftekent. Zo heeft hij ooit samen met Robert Bauval geconcludeerd dat de piramides van Gizeh precies zo staan geformeerd, dat ze de gordel van het sterrenbeeld Orion op de grond projecteren.

In een ander boek heeft hij het over Angkor. Daarvan zegt hij dat het sterrenbeeld Draco dezelfde functie had. Hij beweert dat de volkeren in de oudheid beter wisten wat er in het heelal gebeurde dan wij. Het vreemde is echter dat het sterrenbeeld Draco nooit zichtbaar is geweest in de periode wanneer Angkor gebouwd werd, namelijk rond de elfde eeuw.

Hoe wist men dan hoe Draco eruit zag? Volgens Hancock kende men toen het principe van de precessie. Precessie is het verschijnsel dat de aarde niet alleen draait, maar ook nog schommelt. Hierdoor ontstaan er periodes van 36000 jaar, waarop de aarde weer precies terug is op zijn beginpunt. Hierdoor is het dus ook mogelijk dat sterren aan de hemel veranderen. Het is dus de aarde die verandert en niet de sterrenhemel. De laatste keer dat Draco zichtbaar was, was rond de periode 10500 voor Christus. Dat was ook de periode van de Zondvloed.

We worden afgezet door Lucky bij de poort van de stad Angkor Thom. De Bayon, gebouwd door Jayavarman VII rond 1180 ziet er geweldig uit. Het is een enorme tempel met aan de buitenmuren, bij elkaar zo’n 1200 meter, uitgehakte reliëfs. Je kan rustig door de hele tempel wandelen en rondkijken en overal zie je ijzig kijkende beelden. Uitgehakte hoofden die glimlachen.

Absoluut een hoogtepunt. In en om de tempel zijn ook nog plaatsen waar gebeden wordt en allerlei hindoeïstische symbolen te vinden zijn. Ook boeddhistische symbolen zijn er te zien. Erg druk is het niet, gelukkig kan je hier nog ronddwalen zonder veel last te hebben van een overdreven hoeveelheid toeristen. We lopen richting Baphuon, weer een andere tempel en komen na enkele uren via het prachtige Terrace of the Leper King, waar de uitgehakte beelden nog fantastisch zijn, uit bij de Terrace of the Elephants.

De door bomen overwoekerde Ta Prohm tempel, Angkor.

De door bomen overwoekerde Ta Prohm tempel, Angkor.

Snuisterijen

Onze taxichauffeur Lucky wacht ons op en brengt ons een paar kilometer verder naar enkele andere tempels. We eindigen bij de Preah Kahn tempel. Ook deze tempels zijn de moeite waard. We moeten af en toe even wat drinken en wat souvenirs kopen, want de prijzen zijn flink lager dan op andere plaatsen. Ook een boek van Angkor wordt aangeschaft. Preah Kahn is iets minder gerestaureerd, maar heeft daarentegen weer fraaie uitgehakte garuda’s in de omsluitende muren.

We bezoeken hierna de Ta Prohm tempel. Deze tempel is nog grotendeels gelaten zoals die ooit gevonden is, totaal overwoekerd en in beslag genomen door de omliggende jungle. Net achter de toegangspoort, wederom met een doorgang met een uitgehakt ijzig glimlachend gezicht, zit een zevental mijnslachtoffers muziek te maken met lokale instrumenten.

Allen missen wel iets; de ene een been, de andere een arm, oog of voet. Deze tempel is werkelijk geweldig. Het roept associaties op met speelfilms als Indiana Jones en Tombraider. De bomen groeien op, in en door de gebouwen en drukken stukken tempel uit elkaar. Net als bij andere tempels wordt hier van alles verkocht, vooral veel kleine snuisterijen. Het is echter niet vervelend, men is niet opdringerig.

Graftempel Angkor Wat

De laatste tempel van de dag is Angkor Wat. Deze beroemdste tempel van het complex is ook een van de best bewaarde. De grootste tempel heeft een hoogste punt van 55 meter en is gebouwd rond 1150 als graftempel voor de toenmalige vorst Suryavarman. De tempel wordt nog steeds gebruikt als zodanig en heeft net als de Bayon om de buitenmuren heen uitgehakte afbeeldingen uit Hindoeïstische geschriften. Ook hier lopen veel in het oranje geklede monniken rond. Je kan de hele tempel rond en steeds hoger en hoger.

Op iedere verdieping zijn er boeddhistische bedehuisjes. ‘s Avonds worden we op aanraden van Lucky bij een restaurant afgezet, waar je voor acht dollar een buffet voorgeschoteld krijgt en daarbij ook nog wordt getrakteerd op een uur traditioneel volksdansen. De dansen zijn erg mooi, sterk lijkend op Thaise en Indonesische dans.

Om acht uur staat Lucky alweer klaar voor een nieuwe dag Angkor. We hebben een drie-dagenpas gekocht, waarvoor je een pasfoto moet meenemen en veertig dollar voor moet betalen. We hebben afgesproken naar Banteay Srei te gaan, een speciaal aan Shiva gewijde tempel, geheel uit roze zandsteen opgetrokken. De tempel ligt ongeveer twintig kilometer ten noordoosten van Angkor en er is een goede asfaltweg aangelegd met buitenlandse hulp. Het is een hele mooie kleine tempel, met prachtig bewaard gebleven gebouwen.

Gerelateerd

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt. Prima! Lees meer