Reis om de Wereld
Voeding voor reizigers

Duiken op de Malediven

122

Monique en Martijn maakten een duikvakantie naar de Malediven, en wel naar de eilanden Ellaidhoo en Hellengeli. Over prachtige koraalduivels, knalrode grootoogbaarzen, sweet-lips, adelaarsroggen en Manta’s. ‘Wij vallen over boord en dalen snel af richting het rifdak op vijftien meter. Deze keer duurt het geen tien minuten of de eerste manta dient zich al aan, niet lang daarna gevolgd door vier andere exemplaren.’

Monique en Martijn

Er zijn nauwelijks wegen, de maximum snelheid bedraagt 25 km/uur, er zijn geen rivieren, kanalen, bergen en de meeste bewoonde eilanden (±200) steken nauwelijks drie meter boven zee uit. Toeristen zijn welkom op zo’n zeventig Resort Islands die voor een aantal jaren tegelijk worden gepacht door touroperators. Zeer plezierig is het dat er op elk Resort Island een duikbasis aanwezig is. Daar kwamen we tenslotte voor…..

De motoren van het watervliegtuigje brullen om vaart te maken. Tijdens het korte moment van waterskiën dat volgt, zie ik tot mijn stomme verbazing dat de twee piloten in de cockpit uiterst relaxed op blote voeten en het zand nog tussen de tenen achter de sticks zitten. Tijd om me druk te maken of het allemaal wel goed zal gaan krijg ik nauwelijks want de Havilland van “Maldivian Air Taxi” komt moeiteloos los van het water en snort tevreden omhoog.

Vanaf zo’n driehonderd meter hoogte hebben we een fantastisch uitzicht over de diverse eilandjes en atollen. Na een vlucht van vijftien minuten landen we middenin een azuurblauwe lagune en parkeert het watervliegtuig langs een drijvende houten taxistandplaats. Een kleine dhoni zal ons naar Ellaidhoo brengen dat een paar honderd meter verderop ligt.

Onderwaterwereld malediven
Onderwaterwereld.

Ellaidhoo (Ari-atol)

Ellaidhoo is een klein, cirkelvormig eiland van vierhonderd bij 350 meter met vijftig gezellige bungalows die allemaal uitzicht bieden op zee. Dat uitzicht wordt enigszins belemmerd door een klein muurtje dat rondom het gehele eiland is gebouwd als borstwering tegen het wassende water. Verder is er een restaurant, een bar met terras over het water, een souvenirwinkeltje en een zeer goed geoutilleerde duikschool o.l.v. Axel Horn.

Deze aimabele Duitser is een echte Tech-Diver; alle nieuwste technische snufjes op duikgebied hebben onmiddellijk zijn aandacht. Daarbij is hij Nitrox en Rebreather Instructeur. Hij legt kort de lokale regels van het duiken aan ons uit: max. DT 75min, MDD 30mtr, duiken met computer, geen handschoenen gebruiken, gebruik maken van de huisrif in- en uitgangen. Verder geeft hij ons uitleg over het gebruik van een signaalboei tijdens het bootduiken.

Bij de duikschool hangt een handig bord waarop elke dag mededelingen hangen omtrent de bootduiken die er gepland staan inclusief een korte briefing (met diepteprofielschets) over de duikstekken. Twee maal per dag varen er drie of vier boten uit naar één van de ruim veertig spectaculaire duikstekken in de buurt van het eiland. De keuze blijft moeilijk, zeker als je weet dat Ellaidhoo gezegend is met een prachtig huisrif.

Klein stalen wrakje

Aan de zuidzijde van dat huisrif, waarbij de wanden zich loodrecht naar een diepte van een slordige dertig meter storten, is tevens een alleraardigst klein stalen wrakje te bewonderen. Dit huiswrak wordt bewoond door verschillende flink uit kluiten gewassen baarzen en een dot van een murene. Rondom het wrak zwermt vrijwel altijd een grote school snappers. Als je rustig blijft hangen, sluit de school zich heel langzaam om je heen en waan je jezelf voor even één met de vissen. Ook kleine rifhaaien en schildpadden zijn hier geen zeldzaamheid.

Gedurende de rustige tocht terug naar de oppervlakte kom je diverse overhangen en kleine grotten tegen die een ideale schuilplaats vormen voor allerlei vissen waaronder prachtige koraalduivels, knalrode grootoogbaarzen en sweet-lips.

Een andere bewoner van dit deel van het rif is Bruno, een fijne Titan Trekkervis met zo z’n eigen opvattingen over huisrif en de daar geldende gastvrijheid. Trekkers kunnen tijdens de broedtijd wat agressiever zijn met name wanneer iets of iemand te dicht in de buurt van het broedsel komt. Bruno heeft blijkbaar altijd een nest !!

De bootduiken op riffen in de buurt van het eiland zijn zeer de moeite waard. Duikplaatsen met namen als Maayafushi Tilla, Himandu Kuda Faru, Manta-point en Fishhead klinken niet alleen geweldig; ze zijn het ook. Op al deze duikplaatsen staat doorgaans een forse stroming waardoor je er vrijwel altijd een driftduik maakt. De boten ankeren niet maar droppen de duikers bij A en pikken ze weer op bij B. Sommige duikplaatsen staan nou niet direct bekent om hun onaangetaste riffen maar om de hoeveelheid vis. In het bijzonder de grotere jongens kom je elke duik zeker tegen.

Fishhead is zo’n duikstek die er behoorlijk afgerost uitziet. Tijdens de duik hangt ook bijna elke duiker als een vlag in de wind aan het rif. Maar met name op de kop van het rifplateau, wanneer je vol in de stroming hangt, zie je een adembenemend schouwspel van wittips, zwarttips, grijze haaien, adelaarsroggen, stekelroggen, tonijnen en Napoleons die allemaal op nog geen drie meter van het rif patrouilleren. Al het kleinere spul zoekt dekking tussen het koraal op het rif. Het is een kwestie van “roven of beroofd worden”.

Manta’s

Manta-point is een andere speciale duikstek. Het ligt een kleine twee uur varen van Ellaidhoo vandaan dus gaan we er in de vorm van een dagtrip (twee duiken met daartussen lunch op de boot) heen. Mits in de juiste periode van het jaar wordt bij Manta-point bijna de garantie voor het zien van Manta’s gegeven. Wij hebben geluk want het is nog net Manta-tijd. Ook op dit rifplateau staat een forse stroming en eerlijk gezegd valt het zicht ons een klein beetje tegen.

Onder leiding van Silvy, een Zwitserse Padi-instructrice, hangen we ruim veertig minuten op een diepte van vijftien meter te wachten op de reuzen. Als Silvy haar schouders verontschuldigend opheft, besloten wij de groep te verlaten en niet langer op deze plaats te wachten op de manta’s. We zweven het rifplateau over en zien twee schildpadden en een wittip. Juist als we gaan beginnen aan de opstijging zien we plotseling een soort “space-ship” uit het niets opdoemen. Ik hoor mijn adem stokken en mijn hartslag bereikt zeer grote hoogten wanneer er eerst één en later een tweede manta onder ons door glijdt. Hoewel niet behorend tot de buitencategorie zijn deze twee exemplaren van forse afmeting. Bijna jubelend maken we rond de 5 meter onze veiligheidsstop.

Terug aan boord duurt het geen vijf minuten of Ulli, één van de Duitsers in de groep, komt schreeuwend boven water samen met z’n buddy. ‘Ich kann es noch immer nicht fassen’, zo blijkt. ‘Es war kaum zu glauben. Fast funfzehn’ !! In z’n onvoorstelbare enthousiasme verslikt hij zich op een verschrikkelijke manier wanneer hij, bengelend aan de duiktrap, z’n vinnen uit wil doen en tegelijkertijd maar door ratelt over zijn ervaringen van zo net. Als hij aan boord geholpen is en weer op adem komt, vertelt hij dat ze op de zandvlakte hadden gelegen en waren getrakteerd op een luchtshow van een flink aantal manta’s.

Wij balen behoorlijk bij het horen van z’n verhaal maar vinden het erg leuk voor hem en z’n buddy dat ze zoveel gezien hebben. Als iedereen weer aan boord is, blijkt dat alleen “Manta-Ulli”, want zo is hij inmiddels gedoopt, en z’n buddy Alex meerdere manta’s hebben gezien.

Forse stroming

Tijdens de lunch, die trouwens wordt onderbroken door een enorme tropische hoosbui die precies vier minuten duurt, maakt iedereen zich op voor een tweede duik die bol moet staan van de manta’s. Drie oudere Duitse heren, samen goed voor honderd jaar(!!) duikervaring, gaan niet mee met de middagduik aangezien zij de volgende namiddag terugvliegen naar huis. Ze besluiten samen te gaan snorkelen rondom de boot. Wij vallen over boord en dalen snel af richting het rifdak op vijftien meter. Deze keer duurt het geen tien minuten of de eerste manta dient zich al aan, niet lang daarna gevolgd door vier andere exemplaren.

Het is indrukwekkend om te zien hoe deze enorme dieren schijnbaar moeiteloos kunnen manoeuvreren in de forse stroming die er weer staat. Wij kunnen ons alleen maar vasthouden aan wat rotsen en we kijken hoe de beesten keer op keer komen overvliegen op nauwelijks twee meter afstand. Veel te snel naar onze zin komt de nultijd weer in zicht op onze computers en we besluiten het schouwspel te laten voor wat het is en middels de bekende veiligheidsstop beëindigen we onze duik. Aan boord zit het bejaarde Duitse trio te glunderen van oor tot oor. Tijdens hun snorkelduik van bijna een uur hebben constant gezelschap gehad van drie manta’s en twee mobula’s !!! ‘s Avonds op de steiger bij de bar is het oergezellig. De afmetingen van alle manta’s hebben al snel monsterlijk waarden aangenomen en ook over het aantal ontstaat hoe verder de avond vordert steeds meer onduidelijkheid.

De volgende dag staat er een bootduik gepland naar het Halaveli-wrak. Dit wrak staat recht op z’n kiel in de witte zandbodem en bevindt zich op 27 meter diepte. Normaal gesproken woont er een groep stekelroggen op het wrak. Wij zien er jammer genoeg niet één. Wel cirkelt er achter het roer en de schroef een grote school makreel. Op het wrak zelf zien we nog twee murenes waarvan één exemplaar uit de buitencategorie. Deze heeft bezit genomen van een grote stalen pijp. Vervaarlijk steekt z’n dikke kop naar buiten. Na een rits foto’s laten we hem met rust en stijgen langzaam op.

Schilpad

In de middag gaan we op de boot mee met Jupp als duikgids. Hij is gek van klein spul en heeft er ook oog voor. We zijn maar met vijf man aan boord dus belooft het een ontspannen duik te worden. Het zicht is geweldig met zo’n dertig meter, de stroming licht en Jupp peddelt een beetje tussen de buddyparen in. Het rif is barstens vol leven. Plotseling zie ik een pracht van een schildpad die op z’n gemak aan het rif ligt te knabbelen. Ik kijk even op om te zien of Monique alles wel in de gaten heeft en na haar O.K.-teken begin ik rustig met het fotograferen van de onderwaterstoffel.

Hij laat zich alles welgevallen en ik mag hem zelfs tot een halve meter benaderen. Dan kijkt het beest ineens zeer geïnteresseerd op. Hij moet zelfs een klein slagje maken met z’n voorste flappen om dichter bij datgene te komen dat nu z’n volledige aandacht heeft. Dit blijkt Monique haar duikbril te zijn waarin hij zichzelf weerspiegelt ziet. Heel langzaam koekeloert hij glas voor glas naar binnen. Hij vindt zichzelf (of Monique) zo aardig dat hij voorzichtig begint te knabbelen aan het siliconenmasker. Geen seconde geeft het dier te indruk bang te zijn. Er is een moment dat hij zelfs Monique haar neus beet heeft. Nou houdt Monique wel van een gokje maar dit gaat ook haar iets te ver. Ik merk dat zij even wat lucht extra inademt om zo de innige kus met de schildpad te verbreken.

Vol ongeloof kijken Monique en ik elkaar aan. Hebben we dit zojuist echt meegemaakt?? We duiken verder en komen Jupp tegen die een bladvisje heeft gevonden. In de buurt wijst hij ook op twee kleine ronde gaatjes in het zand. Er blijken symbiose-goby’s met blinde kreeftjes in te wonen. Elk holletje wordt continue schoon gehouden door een blind kreeftje terwijl de goby op de uitkijk ligt. Dreigt er onraad dan geeft de goby dit door aan het kreeftje en samen verdwijnen ze in hun vesting. Weer even verder hangt Jupp alweer doodstil boven het rif. Hij heeft een inktvis gezien. Deze doet er alles aan niet gezien te worden en valt zowel in kleur als in vorm weg tegen het koraal. Het wordt weer tijd voor de opstijging en we laten de inktvis alleen. We hebben 67 minuten gedoken en we zijn nauwelijks dieper geweest dan 10 meter !!!

Helengeli (Noord-Male Atol)

Na een kort vlucht vanaf Ellaidhoo, korte tussenstop op Male en weer een kort vluchtje met het watervliegtuig komt Helengeli in zicht. Het is een lekker weerzien. Ruim 5 jaar geleden waren we al eens te gast op dit langgerekte eiland. Sinds de verbouwing van anderhalf jaar geleden wilden wij er weer eens kijken. Geruchten over de aanwezigheid van een luxe vijf sterren hotel worden direct ontkracht bij de eerste aanblik van diverse kleine bungalows die twee aan twee geschakeld over het eiland verspreid liggen. Er komt nu zelfs zoetwater uit de kraan terwijl dat vijf jaar geleden nog van dat heerlijk brakke, naar zwavel stinkende water was.

Gelukkig is er aan de opzet van het eilandleven verder weinig verandert en is duiken nog steeds beweegreden nummer 1 om hier naar toe te komen. Wel zijn de bar en het restaurant volledig vernieuwd en ook de oude duikschool o.l.v. Uehli Weibel is verdwenen en heeft plaats gemaakt voor een nieuwe duikbasis van Ocean Pro Divers. Er zijn diverse ruimtes waar je als duiker je uitrusting kunt spoelen en het natte spul te drogen kunt hangen. Verder krijgt elke duiker een plastic kratje. Elke dag hangt bij de duikbasis een intekenlijst met duikplaatsen waar de duikboten de volgende dag naar toe zullen gaan. Je hoeft dan alleen maar in te tekenen, je spullen in je krat te doen en je vind deze terug op de juiste boot inclusief een duikfles. Het ziet er allemaal veel belovend uit.

Het eiland heeft een heerlijk spierwit zandstrand met een kleine lagune met daarin turqoise water. Het huisrif is fraai en voorzien van zes in- en uitgangen. Deze zijn bovenwater te herkennen aan een boompje met daaraan een touw dat je onderwater kunt volgen langs een corridor in het rif tot aan de drop-off. Daar hangt vervolgens een duidelijk zichtbare boei. Je kunt dus altijd een begaanbare weg over het rif vinden zonder dat je de boel kapot maakt. Aangezien het hier aardig kan stromen op het huisrif is het wel zaak om vooraf even de juiste route rond het eiland te bepalen; Sri Lanka is wat te ver weg voor een driftduik. Op het huisrif zijn diverse poetsstations die bemand worden door ijverige poetsvisjes en poetsgarnalen. Wanneer je stil blijft liggen, begint zo’n diertje vanzelf aan de haast ondoenlijke klus een geheel uitgeruste duiker te poetsen. Ook op dit huisrif zien we kleine wittip rifhaaien,

Napoleons en adelaarsroggen voorbij komen. Onder de jetty, waar je het rif ook over kan, ligt een enorm stuk koraal. Onder dit blok houden zeker tien langoesten zich gedurende de dag zich schuil om ‘s nachts op rooftocht te gaan. Hun lange antennes passen maar net in hun schuilplaats. Tussen de palen van de jetty zwermen verder makrelen, Sergeant-Majoorvissen rond. Tussen de rotsen wonen verschillende murenes waaronder een mooie tijgermurene.

Kandu Tilla

Kandu Tilla is een duikplaats die op amper vijf minuten varen aan de oost zijde van het eiland ligt. Toch kun je hier vanaf het huisrif nooit komen want op deze plaats komen diverse stromingen van buiten en binnen het atol elkaar tegen. Vooraf wordt verteld dat deze duikstek de bijnaam “wasmachine” heeft.

Door de diverse stromingen die van alle kanten vandaan kunnen komen (inclusief van onder en boven), kan deze duik het gevoel geven van een vrijwillige rit in een op hol geslagen Zanussi. Aangezien dit een moeilijke duik kan worden, zijn er geen onervaren duikers aan boord en zijn er extra duikgidsen mee. De briefing en de checks zijn zeer uitgebreid. Als we overboord vallen, voelen we dat de stroming ons direct pakt. Door als een baksteen richting het rif te storten, kunnen we net aan voorkomen dat we de rifwand missen.

Zwemmen is er bijna niet bij, het is hangen aan een rots op rif en wachten totdat de juiste stroming je mee kan nemen in de goede richting. Er komt van alles voorbij, waaronder een paar forse baarzen, een school geelgestreepte fuseliers. Een klein schildpadje probeert dapper koers te houden maar wappert eigenlijk mee in de stroming. In de luwte van een soort canyon komen we even op adem. Veel tijd daarvoor is er niet want Hervé, een duikgids, heeft alweer iets gevonden. In een kleine grot ligt een verpleegstershaai uit te rusten van alle vermoeienissen. Het twee meter lange beest laat zich rustig bekijken. Echt dichtbij komen kunnen we toch niet want daarvoor is de grot te laag. Wanneer we met onze opstijging beginnen worden we door de stroming meteen weggevoerd van het rif. In het blauwe niets hangen we onze tijd uit.

Dhoni

Als we boven komen zien we pas goed hoe snel we zijn afgedreven. De knalrode signaalboei moet er dan toch eindelijk aan te pas komen. Gelukkig zijn die dingen van veraf nog goed te zien. Om ons heen steken meer boeien de kop op. De dhoni heeft een aardige klus om iedereen weer op te pikken. Tijdens de BBQ ‘s avonds op het strand zijn er natuurlijk zware verhalen te horen over alle belevenissen tijdens de duik in de wasmachine vandaag. Het onderwerp luchtverbruik wordt door iedereen angstvallig vermeden. Helaas komt er na 24 schitterende duiken voor ons een einde aan deze vakantie. Met frisse tegenzin beginnen we aan de lange etappevlucht naar huis. Helengeli – Male – Colombo – Zurich – Amsterdam – eindelijk thuis.