Reis om de Wereld
Voeding voor reizigers

In enkele uren naar een wereldstad Lyon

198

Lyon, daar rijd je doorheen, op weg naar Zuid-Frankrijk of Spanje’, was ook de mening van Rene Hoeflaak over Lyon. Maar Lyon is uitermate geschikt voor een korte stedentrip. Met de TGV ben je er in een paar uur. Over Rue du Boef en Rue St. Jean schrijft Rene: ‘Tussen de tientallen restaurantjes, bakkerijen, slagerijen en winkeltjes bekijken we kleurrijke maar ook benauwde Romeinse binnenplaatsjes. Het moet hier zomers lekker koel zijn.’

René Hoeflaak

‘Lyon, daar rijd je doorheen, op weg naar Zuid-Frankrijk of Spanje’, was ook mijn mening over Lyon. Dat de meer dan één miljoen inwoners kunnen genieten van meer dan een doorgangsweg en dat Lyon uitermate geschikt is voor een stedentrip, blijkt tijdens een bezoek van enkele dagen. Lyon is ook dichterbij dan je denkt. In slechts drie en half uur brengt de TGV je van Brussel naar Lyon. Ons hotel ligt vlakbij het oude hoofdstation Perrache.

Er zijn vele manieren om daar te komen. Metro, bus, trolley, trein, taxi. Wij nemen tramlijn 1, dwars door het centrum en krijgen zo al een eerste indruk van de stad. We rijden door het nieuwe stadsgedeelte met moderne architectuur, langs en over de Rhône en door het oude stadscentrum op het schiereiland. Dan stappen we uit op het drukke station Perrache in het hartje van het ‘oude’ Lyon.

Perrache

Aan het eind van de middag lopen we door station Perrache naar Place Carnot. Midden op het gezellige, drukke plein staat een reusachtig beeld ter gelegenheid van het honderd jarig bestaan van de Republiek. ‘Let ook op de hoge platanen’, attendeert mijn broer, lopend over het plein richting Rue Victor Hugo. De ‘Victor Hugo’ is de bekendste winkelstraat van de stad en komt uit op Place de la Bellecour, het grootste plein van Lyon.

Het plein heeft de uitstraling en afmeting van een wereldplein in een wereldstad en ligt ingesloten tussen Jugendstil gebouwen met typisch Franse balkonnetjes. Nee, het Schouwburgplein in Rotterdam is hier een binnenplaatsje bij. Omdat het koud is voor de tijd van het jaar, zijn de terrassen verlaten en is het rustig.

Vanaf het plein heb ik een mooi uitzicht op de Basilique de Fourvière en de Tour Métallique (de ‘Eiffeltoren’ van Lyon) op de stadsheuvel aan de overkant van de Saône rivier. ‘Was het maar vijf graden warmer, dan hadden we het hier zeker een paar uur op een terras uitgehouden’, is onze gezamenlijke gedachte.

Vijf minuten van Bellecour staat het Operagebouw. Dit moderne glazen gebouw is ‘hangt’ in het oude operagebouw en is ontworpen door architect Jean Nouvelle. In de foyer is het erg donker. Helaas kunnen we niet naar binnen of met de lift naar boven. In de nauwe straatjes in de omgeving van het Operagebouw eten we in één van de ontelbare restaurantjes en drinken we een pint in een Engelse Pub. Ook dat is Lyon. Het is haast niet voor te stellen dat we vanochtend nog op Station Dordrecht aan de koffie zaten.

basilique la Fourvière
Blik op basilique la Fourvière vanaf Place de la Bellecour. [foto René Hoeflaak]

Minimes

De volgende dag rijden we met onze OV dagkaart (kost € 4,20) met de onbemande metro naar Vieux Lyon aan de overkant van de Saône Rivier, aan de voet van stadsheuvel in het negende arrondissement. Net als Parijs is Lyon opgedeeld in arrondissementen. Dan met een gondelachtige tram naar halte Minimes om Romeinse theaters te bekijken.

De Romeinen hielden wel van entourage want de ligging en panorama vanaf de twee amphitheaters zijn machtig. Het uitzicht op het enkele honderden meters verderop gelegen Basilique de Fourviere lijkt op dat van Pest naar Buda. Maar nee, ik zit in Lyon, slechts enkele uren met de trein van huis. De in 1870 gebouwde basiliek is van binnen schitterend. Prachtige religieuze wand- en plafondtekeningen en gedetailleerd beeldhouwwerk.

Romeins Amfhitheater. [foto René Hoeflaak]
Romeins Amfhitheater. [foto René Hoeflaak]

Door een nauw trapstraatje met driehonderd treden dalen we af naar Rue du Boef en Rue St. Jean. Tussen de tientallen restaurantjes, bakkerijen, slagerijen en winkeltjes bekijken we kleurrijke maar ook benauwde Romeinse binnenplaatsjes. Het moet hier zomers lekker koel zijn.

Basilique de la Fourvière
Basilique de la Fourvière. [foto René Hoeflaak]

Franse balkonnetjes

Met de trolleybus rijden we door de wijk Villeurbanne het centrum uit. Hoe verder van het centrum, hoe lelijker de gebouwen, zo lijkt het. ‘Waar zijn de mooi franse balkonnetjes gebleven?’ vragen we ons af. We rijden mee tot het eindpunt Laurent Bonnevay want in een trolleybus zitten we niet iedere dag.

Dit beton blokken station is het eind- en beginpunt trolleybussen, metro en de vele buslijnen naar de omliggende dorpen en steden. We hebben hier niets te zoeken en nemen Metrolijn A terug naar de stad. Bij de ingang worden enkele tassen gecontroleerd en voor het instappen, worden de metrowagons geïnspecteerd op ‘verdachte’ achtergelaten bagage.

St. Jean Kathedraal. [foto René Hoeflaak]
St. Jean Kathedraal. [foto René Hoeflaak]

Bij metrostation Croix-Rousse lopen we heuvelafwaarts naar de St. Jean Kathedraal. Deze kathedraal is bijna duizend jaar oud en werd ooit bezocht door de huidige paus. Binnen- en buitenkant van kerk zijn niet zo mooi als die van de Basilique de Fourvière. Mij spreekt de ligging en entourage rondom de iets verder gelegen St. Paul Cathedraal meer aan.

 

Deze kathedraal ligt aan het spoor bij het gelijknamige oude stationnetje in het hart van het oude centrum. De tijd lijkt hier stilte hebben gestaan. Zowel het personeel, het stationsgebouw als de treinstellen lijken iedere tand des tijds te hebben doorstaan.

Rue du Bæf
Rue du Bæf. [foto René Hoeflaak]

Onderweg naar het Aquarium, passeren we enkele uren voor vertrek toevallig circus Pinder. De Circus Zoo is geopend en we zien meer dan veertig tijgers, leeuwen, kamelen en olifanten en krijgen een verrassende kijk achter de schermen van dit circus. “Is dit nu zielig, leuk, leerzaam, of alles tegelijk?” vragen we ons af. Het aquarium laten we maar zitten. De TGV terug naar Brussel vertrekt immers al weer om 15.46 uur.

 

In de TGV terug naar Brussel hangen we onderuit en trekt het weide Franse landschap aan ons voorbij. We spelen een spelletje kaart, praten en denken na over Lyon. Voor we het weten rijdt de trein al weer door de treurig ogende noord Franse mijnstreek en het Belgische Wallonië.

Mortsel Oude God

‘Ik ga u geen goed nieuws brengen’, zijn de onheilspellende woorden van een medewerkster van de spoorwegen op Brussel Midi. ‘Door een ontsporing rijden er voorlopig geen treinen naar Nederland’. Gelukkig rijdt er nog een boemel naar Antwerpen.

Na zeventien stops op stations als Mechelen-Neckerspoel, Sint-Kathalijne-Waver en Mortsel Oude God, een extra les in topografie en een half uur vertraging zijn we weer thuis. In zestig uur reisden we met driehonderd kilometer per uur door het Franse landschap en ontdekten we een ‘nieuwe’ wereldstad. Alleen had het vijf graden warmer moeten zijn.