Reis om de Wereld
Voeding voor reizigers

Picknicken in het Rodopigebergte

95

Een wandelvakantie in Bulgarije. “Rodopigebergte? Nooit van gehoord!” “Kan je daar wandelen dan?” Veel gestelde vragen aan Rene Hoeflaak vóór en na een wandelvakantie door de bergen in het Zuiden van Bulgarije. Wandelen door Bulgarije is overnachten in kloosters, geiten aan het spit, een glaasje wodka proosten met boeren, picknicken op de sneeuwgrens, paaseieren uitwisselen, ontmoetingen met schaapherders, ezels en vooral rust en gezond.

Auteur – René Hoeflaak

Een wandelvakantie in Bulgarije. “Rodopigebergte? Nooit van gehoord!” “Kan je daar wandelen dan?” Veel gestelde vragen aan Rene Hoeflaak vóór en na een wandelvakantie door de bergen in het Zuiden van Bulgarije. Wandelen door Bulgarije is overnachten in kloosters, geiten aan het spit, een glaasje wodka proosten met boeren, picknicken op de sneeuwgrens, paaseieren uitwisselen, ontmoetingen met schaapherders, ezels en vooral rust en gezond.

Fort Assen. Na een uur wandelen berg op wandelen bereiken we dit Middeleeuwse Fort. (foto Rene Hoeflaak)
Fort Assen. Na een uur wandelen berg op wandelen bereiken we dit Middeleeuwse Fort. (foto Rene Hoeflaak)

Assen fort

Fort Assen. het is een uur wandelen naar dit Middeleeuwse Assen Fort. Het fort staat op een klif vlakbij Asenovgrad. In het fort staan nog goed bewaard gebleven Fresco’s. Het is de eerste wandeldag en de klim naar het fort gaat mij niet al te makkelijk af. Na een korte stop wandelen we door een bos steil omhoog langs een smal pad. In de lentezon is dat goed zweten.

Het is goed dat we een gids bij ons hebben want er staat hier niets aangegeven. We zien Asenovgrad onder ons liggen en in de verte Plovdiv. Na het uitkijkpunt dalen we af via een bospad. Behalve twee stokoude mannen, komen we niemand tegen. Aan het eind van het pad is een uitgestrekt grasveld. Er hangt hier een gezellige sfeer.

Families zitten bijeen en braden een geit aan het spit. Andere families houden het bij een eenvoudige picknick en bieden ons een zelfgebrouwen biertje aan. Helaas, ik spreek geen Bulgaars en een nadere kennismaking zit er dus niet in. Dan maar een simpele maar o zo goedebedoelde “Nazdrave”.

Samen met pelgrims lopen we over een brede grasweide naar de Heilige Bron. (foto: René Hoeflaak)
Samen met pelgrims lopen we over een brede grasweide naar de Heilige Bron. (foto: René Hoeflaak)

Plovdiv

We hebben nog de hele zondagmiddag om Plovdiv te verkennen. Het oude centrum van Plovdiv ligt op een heuvel. Er heerst een rustige en ontspannen sfeer. Kronkelende en smalle klinkerstraatjes, terrasjes, restaurantjes, kerken, winkeltjes en marktjes. Dat is zo’n beetje het beeld van het oude centrum van Plovdiv. De oude telefooncellen herinneren nog aan het communistische tijdperk. Het Romeinse theater is een blikvanger. Jammer dat het theater vanwege restauratiewerkzaamheden is afgesloten. Op het marktplein, bij de moskee, is het gezellig druk.

De Bulgaarse ontdekking van 2000. Het Thracische heiligdom van Perperikon.
De Bulgaarse ontdekking van 2000. Het Thracische heiligdom van Perperikon. (foto René Hoeflaak)

Batchkovo

De tweede wandeldag lopen we vanaf het klooster van Batchkovo naar een heilige bron. Vandaag is het Pasen in Bulgarije, zes weken later dan ons paasfeest. In het klooster deelt een monnik geverfde paaseieren uit. Mijn aandacht gaat meer uit naar drie geiten op de binnenplaats. Met samengebonden poten en met hoorbare tegenzin worden zij in een pick-up truck geladen. “Overleven zij deze Paasdag?” vraag ik mij af, met de geiten aan het spit nog vers in het geheugen.

Na een korte maar steile klim wandelen we, samen met vele pelgrims, over een brede grasweide in de richting van de heilige bron. Onze paaseieren raken we niet kwijt. Ruilen blijkt wel te kunnen. Een goede manier om contact te leggen? Helaas; verder als “Cruijff” en “Van Basten” komt de conversatie niet. Bij de Heilige Bron is het aansluiten in de rij.

Na een kwartier wachten, mag ik ook mijn handen en gezicht reinigen met het heilige water. Ik ben klaar en fit voor de weg terug naar Batchkovo.Na de terugwandeling gaan we, na een kort busrit, eigenlijk pas echt het Rodopigebergte in. We wandelen licht bergop naar de rotsformaties van Belintasch. Bovenop de rotsen geniet ik van een adembenemend en weids uitzicht.

Kardjali; Het straatbeeld is die van flatblokken met winkels, grote parken, brede straten, kleine kiosken, lada’s, gevelschilderingen, proletarische standbeelden. (foto: René Hoeflaak)
Kardjali; Het straatbeeld is die van flatblokken met winkels, grote parken, brede straten, kleine kiosken, lada’s, gevelschilderingen, proletarische standbeelden. (foto: René Hoeflaak)

Perperikon

Na een stevig en lang avondmaal (voor een snelle hap, moet je niet naar Bulgarije), een overnachting in het klooster van Kardjali en een fraaie wandeling naar de witte en roze rotsen van Zim Zelen, rijden we naar de rotsen van Perperikon. Hier vonden archeologen in 2000 de heilige tempel en bidplaats van de Thraciërs.

Ik lees op een bord dat mijn werkgever het archeologische project sponsort. Met een plattegrond in de hand lopen we naar en over de opvallend goed bewaard gebleven ruines, de kelder, het altaar, het gerechtsgebouw en het bad. Nog opvallender is de rust. Geen toeristen, geen souvernirshops, geen entreetickets. Slechts twee gammele kraampjes met (welkom) koud bier, snoep en frisdrank. In alle opzichten een verademing. “Hoe zal het hier over een paar jaar zijn?” vraag ik mij af.

Het stilstaande water,het flauwe zonnetje, de weerspiegeling, de bosrijke heuvels en de rust zorgen voor een genietmoment. (foto: René Hoeflaak)
Het stilstaande water,het flauwe zonnetje, de weerspiegeling, de bosrijke heuvels en de rust zorgen voor een genietmoment. (foto: René Hoeflaak)

Kardjali

Even buiten het centrum van Kardjali laten we ons afzetten. Een mooie gelegenheid om deze redelijk grote stad te verkennen. Het straatbeeld is die van flatblokken met winkels, de grote parken, brede straten, kleine kiosken, lada’s, gevelschilderingen, proletarische standbeelden. Met het afstempelen, tellen en afrekenen van mijn ansichtkaarten in het centrale postkantoor bezorg ik drie medewerkers zichtbare werkdruk. Kortom, hier proef je nog het Bulgarije van pakweg 1985. Alsof het IJzeren Gordijn nooit is verdwenen. (Kaarten komen overigens na ongeveer twee en halve week aan in Nederland)

Als we een verlaten boerderij met een Lada zien, weet ik zeker dat we de bewoonde wereld naderen. (foto: René Hoeflaak)
Als we een verlaten boerderij met een Lada zien, weet ik zeker dat we de bewoonde wereld naderen. (foto: René Hoeflaak)

Duivelsbrug

Vandaag wandelen we vlakbij de Grieks/Bulgaarse grens. Het eerste deel van het pad naar de Duivels Burg is breed. Tussen de dennenbomen lopen we lekker in de schaduw. Tussen de kale plekken zie ik kleine dorpjes. Het laatste stuk is niet eenvoudig. Het is afwisselend dalen en stijgen. Daarbij komt dat de paden smal, donker en glad zijn. Echte kuitenbijters.

Met veel handen- en voetenwerk komen we uiteindelijk aan bij de Duivels Brug over de Arda Rivier. De lichamelijke inspanning wordt zeker beloond. De stenen brug overspant en heerst over de rivier. Het stilstaande water,het flauwe zonnetje, de weerspiegeling, de bosrijke heuvels en de rust zorgen voor een genietmoment. “Waarom heet deze brug de Duivels Brug?”. “Wel, omdat de duivel zich regelmatig bij deze brug ophield”, antwoordt de gids. Ach, wat kan mij het ook schelen. Ik geniet van het uitzicht, duivel of niet.

Lada’s, sneeuw,  woonwagens en Orpheus

De laatste echte wandeldag is tevens ook de lastigste, de langste en de fraaiste. Vanaf Stoikite wandelen we niet alleen licht berg opwaarts maar ook door de enkelhoge papsneeuw. We betreden elkaars voetstappen. Het regent en het bliksemt. Gelukkig klaart het weer snel op, maar aan de papsneeuw komt maar geen einde. We lopen zo’n beetje op de sneeuwgrens.

We passeren beekjes met smeltwater. Het uitzicht over zowel de besneeuwde als groene alpenweiden is iedere (haarspeld)bocht weer anders. Na de picknick, enkele meters onder de sneeuwrand, knap ik een uiltje. Als dit niet gezond is voor geest en lichaam, dan weet ik het niet meer. Na de lunch strekken we opnieuw de benen en vervolgen we de wandeling. We zien ons einddoel, het dorpje Gela, in het dal liggen. Maar hoe komen we daar. Een herdersechtpaar helpt ons op weg. We moeten nog een behoorlijk stukje dalen en klimmen.

En dan eindelijk, een verlaten boerderij met een Lada. We naderen de bewoonde wereld. Het dorpje Gela bestaat uit slechts enkele straatjes en huisjes. Volgens de overlevering is hier de god Orpheus geboren. Het is aan niets af te zien, maar de overlevering op zich is toch goed voor een regelmatige stop van een toeristenbus.

“Ouderwetse” Bulgaarse telefooncellen. (foto: René Hoeflaak)
“Ouderwetse” Bulgaarse telefooncellen. (foto: René Hoeflaak)

Chepelare

De laatste dagen overnachten we in Chepelare. In Chepelare hangt een typische wintersportsfeer. Hotel, skiliften, (internet)café‘s, souvenirwinkels. Vlakbij is één van de spectaculairste natuurwonderen van Bulgarije, de Stenen Bruggen van Chudnite Mostove. Het is een natuurlijk gekloofde en gespleten brug. De wandeling naar de brug zelf bekoort mij meer dan de brug zelf. Maar ik ben natuurlijk al behoorlijk verwend, de afgelopen week. We eindigen de wandelweek zoals iedere avond en zoals begonnen, met een gastvrij, lang en gezellig avondmaal en zoals altijd tomaat en komkommer vooraf. “Het Ropigebergte?”. Van “nooit van gehoord” naar “nooit meer vergeten”.

Op gevels, bomen en lantaarnpalen hangen aanplakbiljetten met aankondigingen voor begrafenissen of herdenkingsdiensten op veertig of zeventig dagen na het overlijden. (foto: René Hoeflaak)
Op gevels, bomen en lantaarnpalen hangen aanplakbiljetten met aankondigingen voor begrafenissen of herdenkingsdiensten op veertig of zeventig dagen na het overlijden. (foto: René Hoeflaak)