Roadtrip langs Ruta 40

door Reis om de Wereld
Gepubliceerd: Laatst ververst op 73 views

Ik ga naar Patagonië, het uiterste zuiden van het continent. Vliegen vanuit de plaats Bariloche dat wordt gezien als het beginpunt van Patagonië is de makkelijkste optie en dat is niet eens zo heel duur. Zeker niet als je beseft dat je er twee dagen reizen mee wint.

Auteur – Wilbert van Haneghem

Maar dat is nou juist niet mijn bedoeling. Ik wil over de weg, over de Ruta 40 wat de naam van deze (snel)weg is. Het is de ultieme roadtrip in Zuid-Amerika, vergelijkbaar met de Route 66 in de Verenigde Staten. Althans, zo wordt het gepromoot.

De weg is meestal maar drie maanden per jaar geopend, vanwege de weerscondities. Je kunt er met de reguliere (luxe) touringcar overheen reizen, maar naar de eerstvolgende interessante plaats El Chaltén duurt dat 36 uur. Met louter toiletstops van tien minuten en lunch/dinerstops van een half uur in tankstationrestauraties. Of veel stops tussendoor om passagiers op de meest afgelegen plekken af te zetten.

Ik kies voor nog een andere optie: met een minder luxe touringcar in twee dagen naar El Chaltén reizen met een tussenstop in het dorpje Perito Moreno alwaar de nacht in een hotel wordt doorgebracht voor een normale rust in een echt bed, in plaats van een busstoel. De eerste busoptie kost 400 Pesos (80 Euro), de tweede inclusief overnachting 500 Pesos (100 Euro).

Deze plaatsnaam moet overigens niet verward worden met het meest bekende Nationale Park van het land: de Perito Moreno gletsjer. Dit ligt nog twee uur zuidelijker reizen van de bestemming van deze busreis. Dat er in het plaatsje met dezelfde naam werkelijk niets te doen is komen we later trouwens wel achter.

De bus die langs de Ruta 40 rijdt.

De bus die langs de Ruta 40 rijdt. Even poseren…

 

Litteken

Om half zeven in de ochtend ben ik bij het opstappunt in het dorp en zie daar Engelsman Andy, met wie ik twee avonden eerder nog samen met Peter uit Australie een potje biljart heb gespeeld in het hostel. Mooi, in elk geval gezellige aanspraak. Ik zit naast een vriendelijke Argentijnse kok van minstens 150 kilo, heb ik dat!

Gelukkig is de bus helemaal niet vol, dus ik verplaats al snel, ook tot zijn opluchting en ruimte. De andere reizigers zijn allen backpackers. Met Maurice, een Nederlander, raak ik later ook aan de praat. Het landschap is al gauw eentonig: gele en groene lage struiken, heuvels in de verte, een strak blauwe lucht of hooguit wat plukjes wolken en soms mooie bergen met een beetje sneeuw erop.

Buiten is het nog een lekkere 18 graden Celsius, in de bus is het door de airconditioning regelmatig erg koud. We stoppen bij een benzinestation, tja er is weinig anders om bij halt te houden. De weg wordt smaller en wanneer er een vrachtwagen of touringcar als tegenligger aan komt, remt de chauffeur krachtig van zijn maximale snelheid van  90 km/u naar volledige stilstand.

Om elkaar dan  langzaam te passeren. Uiteraard delen de chauffeurs van de bussen nog wel even het laatste nieuws met elkaar. Het is geen probleem om midden op de weg stil te staan, want we hebben dan al een uur niemand anders gezien. Het landschap wordt nu puisterig als het gezicht van een tiener door de vele heuvels en kraters, met af en toe een afgevlakte bergtop. De weg kronkelt er als een lelijk litteken doorheen.

Fluitje

De chauffeur heeft geen echte claxon, maar produceert een geluid dat mij doet denken aan een binnensmonds fluitje van straatartiesten/levende standbeelden. Omdat ik op de vierde rij zit en er geen afscheiding is tussen chauffeur en passagiers, hoor ik het fluitje geregeld. Eerst denk ik dat hij daadwerkelijk een fluitje in zijn mond heeft omdat hij weinig zegt tegen zijn steward op de eerste rij. Maar dan zie ik hem een knopje indrukken als we een aantal wegwerkers tegenkomen.

De mannen steken elk hun hand omhoog en worden gretig begroet door de chauffeur. Afleiding voor iedereen denk ik. Maar elke keer dat het fluitje klinkt, kijken ze wel bevreemd om. Bij bussen drukt hij de knop twee keer in waardoor het fluitje zelfs een beetje als een vreemdsoortige opgewonden hoge toon klinkt. Op mij heeft het intussen na uren rijden een irriterende werking, en zeker geen opgewonden.

De chauffeur lijkt er ook geen plezier aan te beleven, hij reageert niet op de bevreemde blikken van de wegwerkers, hij doet het gewoon. En er zijn veel, heel veel wegwerkers langs de route! Ik ga ze tellen als er een heel lang stuk vers gelegd asfalt nadert.

Er is altijd baas boven baas, een fietser!

Er is altijd baas boven baas, een fietser!

Op dit stuk nieuwe weg zijn er 23 wegwerkers. En dus klinken er 23 fluitjes. De tweede chauffeur/steward doet net zo lustig mee als hij zijn collega afwisselt, ik zie en hoor geen verschil. Gelukkig komt er maar een keer een bus langs van hetzelfde bedrijf, want deze krijgt maar liefst vier fluitjes, helemaal voor hem zelf.

Hij reageert met een erg Argentijnse masculiene zwaar klinkende misthoorn. Hmm, of dat nou beter is? Gelukkig klinkt door het gefluit ook zijn Spaanse muziek over de luidsprekers. En Madonna’s lied Like a prayer. Ik doe even een schietgebedje voor een kortsluiting. Zeer plaatselijk graag, alleen voor het fluitknopje.

Kerstboom

Op een van de stops koop ik een lekker uitziend stokbroodje met kipfilet. Of ik het warm wil hebben? Ja graag, is mijn antwoord en dat had ik nou niet moeten zeggen. Mijn lunch verwordt tot een slappe hap klef brood met taaie kip. De bladsla hangt er verwelkt overheen en de tomaat is verre van rijp. Alles tezamen is het een bord lauwe ellende. Mijn empanada (deegsnackje met diverse vullingen als gehakt, kip of groenten) is ook warm, met als gevolg dat na een hap het vet eruitspat en ik de hele bak met ultradunne, als plastic aanvoelende servetjes moet gebruiken om mijn tafel schoon vegen.

Goed, dat is dus de laatste keer dat ik bij een benzinestation eet. Voor het kerstgevoel staat er een plastic kerstboom in het met tien tafels gevulde ‘restaurantje’. Er hangen zoveel ballen en lichtjes in dat de boom niet meer zichtbaar is en ik vermoed dat het de grootste energievreter is van het dorp. Maar daar krijg je dan wel een echte Argentijnse kerstsfeer voor, want op deze manier versierde bomen staan overal in het land.

Typische Patagonische wildlife: honden.

Typische Patagonische wildlife: honden.

Wildlife

We passeren zandpaden waar regelmatig een kruis staat voor een omgekomen geliefde. Je zou toch iedereen moeten zien aankomen in de stuk van God verlaten land? Niet alleen een kruis, meestal is het een zelf gemaakt monument dat iets vertelt over de omgekomene. Ik zie een tractor, een ploeg en nog wat gereedschappen. En flessen bier. Alles is in het rood geverfd.

Ter afwisseling steekt er af en toe een beest over of loopt deze parallel met de bus mee over het land. Zo herken ik de guanaca, lijkend op en familie van de lama. Ook struisvogels ontbreken niet en deze rennen gestresst van de bus weg het ruige land in. Uiteraard staan er geregeld een paar paarden gezamenlijk naar het voorbijkomende verkeer te staren. Wij staren terug. Gaucho’s echter zijn nergens te zien op de pampa’s. Wanneer er weer eens een beest gespot wordt, is iedereen even enthousiast, pakt een camera of kijkt gespannen naar buiten. En na een paar minuten is het dan weer terug naar de realiteit van Patagonie: eenzaamheid alom aanwezig. Tot het volgende ‘wildlife’ zicht aandient: de vele zwerfhonden bij benzinestations, in dorpjes of langs de weg.

Laat in de avond (22.30 uur, dus etenstijd in Argentinie) arriveren we in het dorpje Perito Moreno. Na een snelle hap van biefstuk en goede salade – het laatste is overigens een schaarste op de meeste menukaarten – gaan Maurice, Andy en ik op zoek naar wat actie na al dat stilzitten de hele dag. Enkele gepimpte auto’s cruisen over de hoofdstraat, in de richting van waar wij ook een kroeg vermoeden. We spreken de enkele voetgangers op straat aan met de vraag waar we een biertje kunnen drinken, het is tenslotte vrijdagavond.

De meesten, ook de jongeren, halen de schouders op en zeggen het niet te weten. ‘Dit is Perito Moreno’  wordt er als verklaring aan toegevoegd. Er is nog wel een disco, maar ook die blijkt dicht, vermoedelijk alleen geopend in de zomermaanden januari en februari. We kiezen het drukste restaurant-hotellobby uit van de twee waar uberhaupt licht brandt. Hier zitten ongeveer tien mensen. Na twee literflessen Quilmes bier (in totaal, niet per persoon!) gaan we maar naar bed, vooral ook omdat de eigenaar en zijn familie zijn uitgegeten en ons wegstaren.

Nowhere

Nog maar 532 kilometer te gaan meldt het bord langs de weg wanneer we om 10.00 uur weer in de bus zitten. Maar met deze wegcondities duurt dat wel nog 12 uur. We stoppen na twee uur vlak voor een brug. Iedereen vraagt zich af waarom, hier is geen benzinestation of winkeltje. Deze plek geeft het begrip ‘In the middle of nowhere’ een nieuwe dimensie.

Wel zijn er enkele hoge bossages. De enige in de komende honderden kilometers zo blijkt later. Een natuurlijke toiletstop is het dus en daar wordt dankbaar gebruik van gemaakt. Uit de rommel langs de weg blijkt dat andere chauffeurs er ook geregeld stoppen. Maurice en ik eten onze lunch en kletsen met een Belg en een Hongaarse die net zijn ingestapt.

Ze proberen liftend door het continent te reizen. “Met wisselend succes”,  vertellen ze. Vooral op deze weg is er te weinig verkeer en ze staan al de halve dag in de brandende zon te wachten. De chauffeurs pakken een gereedschapkist en repareren de achterste wielophanging, wel zo fijn ook al zijn er geen bergkliffen om van af te storten en is nauwelijks verkeer om tegen aan te botsen.

Dat het toch niet ongevaarlijk is zien we even later. Een huurauto, type Opel Corsa, ligt in de berm. Een keer over de kop geslagen zo te zien, ramen eruit, bumper eraf en overal deuken. We stoppen en de chauffeurs bekijken de auto en de omgeving, maar er  is niemand te zien. Waarschijnlijk een paar uur geleden gebeurd en de inzittenden zijn meegenomen naar een ranch. De slipsporen zijn lang en kunnen erop duiden dat de chauffeur in slaap is gevallen. Volgens onze buschauffeur het grootste gevaar van de Ruta 40.

Uit verveling ga je op de ‘camping’ doppenkunst maken.

Uit verveling ga je op de ‘camping’ doppenkunst maken.

Oranjeboom

De volgende stop is bij een camping. Nou ja camping, er is een winkeltje waar drie klanten tegelijk in passen, er zijn toiletten met een douchekop erboven en verder mag je je tent ergens neerzetten. Ruimte genoeg! En wij stoppen er. De chauffeurs worden hartelijk begroet als verloren zonen.

De campingeigenaren zitten ook om een praatje verlegen en ze kletsen honderduit met elkaar. In het winkeltje wordt van alles verkocht: ‘ verse’ kant-en-klaar maaltijden, warme koffie, tandenborstel en souvenirs. Zelf blikje Breda Bier – nooit van dat merk gehoord – en een blikje Oranjeboom bier uit Nederland staan op plank. Houdbaar tot en met augustus 2008. Ik sla even over.

Andy probeert de verse koffie uit en hij vermoedt minimaal drie dagen wakker te blijven van deze drab. Als ik hem van de houdbaarheidsdatum van het bier vertel, kijkt bedenkelijk naar zijn ‘ verse’ salade.

 

Later krijgt hij inderdaad maagkrampen. Is het eten langs deze weg misschien het tweede gevaar dat op de loer ligt? Wanneer we vertrekken rijden we langs een reclamebord: volgende restaurant van een estancia (ranch) is 250 kilometer. Ook daar stoppen we uiteraard en genieten we van de nog warme empanada’s en pizza’s. Het kan dus wel en niemand krijgt buikpijn.

Intussen heeft de Franse Gaelle zich bij ons drieen gevoegd. Ze is erg blij dat Maurice en ik een beetje Frans met haar spreken, haar Engels is zoals ze zelf zegt niet goed. Maar dat blijkt mee te vallen en ze kan zich goed mengen in de gesprekken die, vanwege Andy’s gebrek aan kennis van het Frans, in het Engels gaan.

Om te vieren dat we de Ruta 40 overleefd hebben gaan we die avond met z’n vieren wat drinken in El Chalten. Het is het begin van een reizigersvriendschap van een aantal dagen, zoals dat gaat op de route, ook op Ruta 40.

Gerelateerd

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt. Prima! Lees meer