Totale verwarring in Opuwo

door Reis om de Wereld
Gepubliceerd: Laatst ververst op 49 views

In Namibië maakt Willeke Nieuwenhuyze kennis met de Herero’s en de Himba’s, twee bevolkingsgroepen die nog in witte lemen hutjes wonen. Ze verblijft enige tijd in Opuwo, een dorpje waar zowel Herero’s en de Himba’s wonen. ‘Op straat lopen of zitten Himba-vrouwen, topless, ingesmeerd met een rode vettige substantie (ocre), vaak met een baby op hun rug. Hun rok van schapenleer, hun haar in dikke vlechten én ook ingesmeerd met de ocre’, schrijft Willeke over deze bevolkingsgroep.

Willeke Nieuwenhuyze

Op zaterdagmiddag rijden we Opuwo binnen. Twee weken lang hebben we in het verlaten landschap van Namibië bijna geen medemens gezien. Lange dagen en honderden kilometers gereden door de woestijn, erg fascinerend en kleurrijk, prachtige landschappen, maar erg veel mensen kom je er niet tegen… En dan staan we ineens midden in Opuwo, het dorp is niet groot, maar wel overweldigend. Onze wandeling door Opuwo is verwarrend. Het zet je tot dan toe redelijk geordende en haast ‘westerse’ Namibische reiswereldje op z’n kop. De Duitse invloeden zijn hier volledig verdwenen, de ‘rode lijn’ fungeerde vroeger ook als scheidlijn voor zwart-blank. De zwarte bevolking mocht niet naar het zuiden, de blanken durfden niet naar het noorden. In Opuwo zie je geen blanke mensen op straat…

Himba

Op straat lopen of zitten Himba-vrouwen, topless, ingesmeerd met een rode vettige substantie (ocre), vaak met een baby op hun rug. Hun rok van schapenleer, hun haar in dikke vlechten én ook ingesmeerd met de ocre. De Himba-mannen gaan minder traditioneel gekleed, meestal met een westers T-shirt, maar vaak ook met alleen een soort rokje (de motiefjes van deze rokjes doen ons denken aan tafelkleedjes). Daarnaast, maar dan ook letterlijk ernaast, lopen en zitten Herero-vrouwen met hun enorme Victoriaanse drachten, die elke, maar dan ook elke lichaamsvorm verhuld. Op hun hoofd dragen de Herero’s een haaks geplaatste, enorme muts.

De Herero’s en de Himba’s behoren tot dezelfde bevolkingsgroep en ‘kleedden’ zich vroeger op dezelfde manier, dat wil zeggen voor de dames topless en in dierenhuiden. Toen de Duitse missionarissen dit gebied wilden kerstenen, vonden ze deze topless-dracht onbeschaafd en bevolen zowel de Himba’s als de Herero’s hun eigen Victoriaanse kleding op. De Herero’s waren gevoelig voor de argumenten en lieten zich drastisch veranderen, de Himba’s hebben dat nooit gedaan. De huizen variëren van een klein lemen hutje tot een klein wit stenen soort bungalowtje. In beide huizen zien we verschillende bevolkingsgroepen verdwijnen.

Tussen de lemen hutjes scharrelen varkens, op zoek naar etensresten. Bij het tankstation arriveert een auto vol geiten en even verderop klimmen twee Herero-vrouwen in een bakkie van een vrachtwagentje. In het kleine centrum zijn enkele ‘discotheken’, de meest hippe jeugd van Opuwo hangt hier rond in schreeuwende Chineesachtige overhemden, trainingsbroeken, (erg) korte rokjes en strakke truitjes, de hipste met een mobieltje. En dan, last but not least, uit de ‘cd-winkel’ op de hoek klinkt enkele malen per dag Enrique Iglesias…

Een overzicht van een plaatsje Opuwo. [Foto: Willeke]

Een overzicht van een plaatsje Opuwo. [Foto: Willeke]

Snoep en verkooptrucs

Er komt iemand bij ons staan, die ons op een blafferige manier probeert duidelijk te maken dat we niet bang hoeven te zijn voor politiemannen en militairen met wapens. De Amerikanen zouden geïnteresseerd zijn in Namibië en de wapens zijn er alleen om ze te laten zien dat ze er klaar voor zijn! Natuurlijk ben je in zo’n omgeving een trekpleister voor de kinderen. Ze hangen een beetje om je heen, kijken naar je, roepen ‘hello’ en vragen hoe het met je gaat. De meeste lopen met een A4’tje waarop je gevraagd wordt een donatie aan de school of iets dergelijks te schenken, er staan namen op van argeloze toeristen met soms fikse bedragen.

Uiteraard vragen ze ons ook om geld, maar we houden vol dat we daar dus niet aan mee doen. En we krijgen gelijk, een paar ‘verraders’ vertelt ons dat ze het alleen maar doen om snoep te kunnen kopen en de hele groep rent lachend weg. Himba-vrouwen verkopen hun sieraden, een man verkoopt makalanies en sommigen vragen gewoon om geld. Hierbij proberen ze je geweten aan te spreken. “I’m hungry” of nog sterker “Children are hungry”. Ons realiserend dat het waarschijnlijk verkooppraat is, en mocht het waar zijn, wij met onze bijdrage de wereldhonger niet kunnen stillen, geven we een ieder netjes antwoord.

Een gezette Herero-dame… [Foto: Willeke]

Een gezette Herero-dame… [Foto: Willeke]

Slager

We lopen een eindje verder naar de markt. In de bomen hangen grote stukken vlees, het verkochte stuk wordt netjes in een krant gewikkeld en meegegeven. De rest van de markt is deze zondagmiddag omgetoverd tot ‘openlucht café’, het is er erg druk en er wordt gezellig (waarschijnlijk uiteindelijk teveel) gedronken. Uiteraard ook hier weer alles door elkaar, de haast blote Himba’s, de Victoriaanse Herero’s, you name it! Ons volgende hoekje is het benzinestation. Kippen lopen tussen de pompen, varkens scharrelen in hoekjes en ondertussen komt de een na de andere ‘wimpy car’ aangereden.

Even uitleg: het traject Sesfontein-Opuwo is volgens de Lonely Planet niet berijdbaar door ‘wimpy cars’ in verband met de wel erg steile helling, sindsdien noemen we de gemiddelde (erg gammele) Afrikaanse bak een ‘wimpy car’. Deze wimpy-cars komen letterlijk aangehobbeld, vaak met vrouw en kinderen in het bakkie en vallen abrupt stil voor de pomp. Naast benzine hebben ze meestal ook lucht nodig voor de banden en bij het wegrijden is een ‘klein duwtje door meerdere personen’ vaak een noodzakelijke voorwaarde om überhaupt weg te kunnen rijden. Maar vaak staan ze er wel even, ‘ons kent ons’ in Opuwo, dus pas als de laatste roddels uitgewisseld zijn, gaat men weer verder.

Een Himba maakt zich op voor de bruiloft. [Foto: Willeke]

Een Himba maakt zich op voor de bruiloft. [Foto: Willeke]

Kraal

De volgende dag bezoeken we de Himba-nederzetting op het platteland. We nemen we geen geld mee, maar dingen zoals maïs, brood, lucifers, suiker, etc. Tegen acht uur ’s morgens staat John – de gids – al op ons te wachten en met een auto vol ‘boodschappen’ rijden we westwaarts. Na zo’n dertig kilometer van Opuwo worden we van de weg af gedirigeerd en rijden we recht op een kraal af. We stoppen en de gids vraag of we welkom zijn. Wij moeten in de auto blijven, kinderen komen al aangerend, maar blijven op ‘veilige’ afstand giechelen en toekijken. John loopt eerst naar de oudste van het dorp, daarna naar de vrouwen. Gespannen kijken we vanaf afstand toe, misschien is het toch niet zo’n goed idee en kunnen we beter gaan…

Morro

Even later komt John terug en gebaart ons uit te stappen. We zijn welkom! Binnen enkele tellen staan we oog in oog met de oudste en schudden we elkaars hand. ‘Morro’, wat zoiets als hallo betekent. Hij zit in z’n lendelapje bij het vuurtje, het heilige vuur zelfs ! Dit vuur wordt gebruikt om erdoor met de overleden voorouders en hierdoor met God te praten. Al snel komt er een zoon en enkele kleinkinderen toegesneld. De kraal bestaat uit één grote familie, hij heeft enkele vrouwen en dus vele (klein)kinderen. John schat hem zo’n 68 jaar, niemand (ook de oudste zelf niet) weet precies hoe oud hij is.

De slagerij van Opuwo… [Foto: Willeke]

De slagerij van Opuwo… [Foto: Willeke]

Twee werelden

Al snel komt er een gesprek op gang, waarbij John de tolk is, en worden er meer vragen aan ons gesteld dan andersom. We leggen maar weer eens uit waarom we geen kinderen hebben en ze begrijpen er werkelijk niets van. Wie helpt ons dan? Wie zorgt er dan voor ons vee? We doen een poging ons Westerse leventje uit te leggen, maar krijgen vooral lachende en verbazende blikken terug. Onze werelden liggen echt mijlenver uit elkaar. Nieuwsgierige kinderen komen voorzichtig dichterbij en giechelen als wij ze begroeten. Volgens John is het geen probleem om foto’s te maken, maar we voelen ons toch enigszins bezwaard als we ons plaatjes schieten, alsof we misbruik maken van hun gastvrijheid.

Een Himba-vrouw toont haar kinderen. [Foto: Willeke]

Een Himba-vrouw toont haar kinderen. [Foto: Willeke]

De vrouwen zijn wat minder nieuwsgierig dan de mannen, ze zijn druk met het voeden en troosten van de kids. Ze zien er prachtig uit, hun roodbruine huid, schaapleren rokje met de schitterende sieraden en niet te vergeten hun haar. Dikke slierten haar, gedraaid in hetzelfde rode vet en bovenop hun hoofd een schaapleren ‘frutsel’. Met veel plezier laten ze zien hoe ze ocre (hun rode vet)) maken voor hun huid en haar, hoe hun natuurlijke parfum eruit ziet en hoe ze dit op doen (ze wassen zichzelf verder nooit).

 

Hoe langer het gesprek voortduurt, hoe meer duidelijk het wordt dat de verschillen te groot zijn. Erik krijgt nog een van de dochters ‘aangeboden’, maar toen ik vertelde dat ik dat niet goedkeurde, klonk er een hilarisch gelach. Het was ook een grapje… Uiteindelijk namen we afscheid en er lopen enkele vrouwen en veel kinderen mee om de ‘boodschappen’ uit te laden. We rijden weg en worden door de kinderen uitgezwaaid, maar niet voordat enkele kinderen heel voorzichtig onze handen gevoeld hadden…

Gerelateerd

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt. Prima! Lees meer